Improviseren is niet alleen voorbehouden aan instrumentalisten. Ook vocalisten kunnen het. Dat varieert van zingen met kleine versierinkjes tot het bekende scatten en zelfs volledig vrije improvisatie. Deze manieren van improvisatie in de zang (en alle stappen ertussenin) bespreken we in dit artikel. Ook de onder zangers veel gebezigde term ‘ad lib.’ komt voorbij.

Zang & improvisatie - Leer het in 6 stappen

The Voice of Holland

“In The Voice of Holland hoor je regelmatig de term ad lib. of ‘ad libjes’ voorbijkomen”, zegt zangcoach Alfons Verreijt. “Die term wordt te pas, maar vaak ook te onpas gebruikt. Ad lib. staat voor ‘ad libitum’, wat betekent ‘naar believen’. Als dat in een partituur staat, weet een muzikant dat hij daar vrijelijk mag improviseren. Soms krijgt een The Voice-kandidaat het commentaar dat hij of zij de ‘ad libjes’ niet goed nazingt, waar meestal de versierinkjes mee worden bedoeld. Eigenlijk slaat dat nergens op, want ‘ad lib.’ betekent juist dat je vrijelijk mag invullen. Ga je iets precies nadoen, dan is het geen ad lib. maar een lick.” Muggenzifterij? Alfons vindt van niet: “Als je als deskundige kritisch commentaar geeft op iemands zang, gebruik dan wel de juiste termen. Bovendien is de vraag: moet iemand die licks precies nazingen of ze als echte ad libs beschouwen en er een eigen draai aan geven? Ik zou het als jurylid waarderen als een kandidaat er een echte ad lib. van maakt, mits technisch en muzikaal goed uitgevoerd uiteraard.” In de glijdende schaal van improvisatie die we in dit artikel bespreken, komt de ad lib. zeker nog voorbij.

Interpretatie

We beginnen helemaal ‘onderaan’. Stap 1 is: als je een cover zingt, het precies zo zingen als op de plaat. Of als het om een opgeschreven compositie gaat: zingen of spelen wat er staat, dus exact houden aan wat de componist heeft bedoeld. Toch zit in dat laatste al enige vrijheid, want veel muziek laat zich niet exact noteren. Speel je een jazznummer precies in de timing zoals die genoteerd staat, dan mist het al gauw de swing die typerend is voor jazz. Je ontkomt er dus hier al niet aan om te interpreteren. Dat is de brug naar stap 2: de persoonlijke interpretatie door de uitvoerende vocalist. We blijven even bij de jazz. Deze muziekstroming kent een groot aantal jazz-standaards: de liedjes die veel worden gespeeld. Iedere jazzvocalist (en muzikant) voert die standaards op zijn of haar eigen manier uit, in timing en melodie. Zoek op YouTube maar eens op Summertime van Gershwin; je zult worden geconfronteerd met een ontelbaar aantal verschillende uitvoeringen. Daarmee geeft de vocalist een persoonlijke interpretatie en neemt dus al ietsje meer vrijheid dan proberen te zingen zoals de componist het heeft bedoeld. Het gebeurt veel in de jazz, maar zeker ook in de popmuziek. Dan komen we bij stap 3: het toevoegen van versierinkjes. Je voert het nummer op een oorspronkelijke manier uit, maar maakt hier en daar kleine omspelingen en variaties in melodie en timing. Voorbeeld: een live-uitvoering door David Bowie van het nummer Heroes.

De ad lib.

In stap 4 ga je nog een stapje verder. Dan ga je namelijk bewust variëren in melodie en timing. Bijvoorbeeld: het eerste couplet zing je zoals bedoeld, eventueel met wat persoonlijke interpretatie. In het tweede couplet zing je een zelfbedachte variatie op de melodie. Voorbeeld: Mack the knife gezongen door Ella Fitzgerald. De eerder besproken ad lib. valt niet precies samen met één van de hier besproken stappen. Dat komt deels omdat de meningen verdeeld zijn over wat een ad lib. nu precies is. De één vindt iets een ad lib. als je de oorspronkelijke tekst in een compleet andere melodie zingt. De ander vindt dat je ook de tekst moet verlaten. Bijvoorbeeld door te gaan scatten (zie verderop) of klinkers als oe en aa te gaan zingen. Feit is dat ad lib. staat voor ‘vrij in te vullen’, dus dat je er iets eigens van kan maken. Dat gaat verder dan een versierinkje of een persoonlijke interpretatie.

Scat singing

We laten de ad lib. voor wat ze is en gaan verder naar stap 5. Daarmee verlaten we eigenlijk ook de popmuziek, want de stappen die nu nog komen, zul je vooral in de jazz en andere ‘vrije’ muziek tegenkomen. Stap 5 is namelijk zingen zonder tekst, in een zelfbedachte melodie. Dit is wat in de jazz het zogeheten ‘scat singing’ of ‘scatten’ wordt genoemd. We zijn nu al in een hoge mate van vrijheid gekomen. Maar het lijkt vrijer dan het in werkelijkheid is. Je hebt namelijk wel harmonisch inzicht nodig, of je moet op zijn minst daar gevoel voor hebben. Zo lang de band je begeleidt met akkoorden en een baslijn, moeten je scats wel passen in die harmonieën. Daar heb je een groot aantal mogelijkheden voor, zoals pentatonische ladders, bluesladders, chromatische ladders, zigeunertoonladders, kerktoonladders enzovoorts, die je al dan niet bewust inzet. “Doe het vooral met je oren”, adviseert zangcoach Alfons Verreijt. “Harmonisch inzicht helpt je zeker en het helpt ook om de mogelijkheden te beredeneren. Die kennis zal je zeker niet belemmeren om je verder muzikaal te ontwikkelen, integendeel. Maar doe het, zoals de meeste zangers, uiteindelijk vooral op gehoor. Je ontkomt daarbij niet aan veel oefenen.” Dit scatten kan eigenlijk bij alle muziek met een ‘zwarte’ oorsprong, dus blues, jazz en dergelijke. Maar soms ook bij muziek met een sterk ‘blanke’ signatuur, zoals country. Luister bijvoorbeeld naar That Don’t Impress Me Much van Shania Twain.

Volledige vrijheid

Na het scatten resteert er nog één stap. Dat is stap 6: de volledige vrijheid. Je improviseert dan los van de harmonie en zingt gewoon wat in je opkomt. Eigenlijk zoals dat gebeurde in de free jazz in zijn oorspronkelijke vorm. Later werd de free jazz juist helemaal ingeklemd in de regels, om het free jazz te laten zijn. “Die volledige vrijheid klinkt gemakkelijker dan het is. Althans, als je ernaar streeft dat het wel muzikaal interessant is”, merkt Alfons op. “Daarvoor moet je muzikaal van goeden huize zijn en een flinke muzikale en artistieke bagage hebben.” Een goed voorbeeld hiervan wordt gegeven door Joey Blake and Bobby McFerrin. Ook bij de volledige vrijheid kunnen er afspraken worden gemaakt, zeker als er een begeleidende band in het spel is. Je kunt bijvoorbeeld afspreken hoeveel vrijheid de zanger neemt en in hoeverre de band de zanger volgt.

Oefenen

Tot zover de theorie. Nu de praktijk van het improviseren. Een bestaand liedje kun je oefenen, maar kun je improviseren ook oefenen? Ja, dat kan. Wat je in ieder geval kunt doen, is bestuderen wat anderen hebben bedacht, om zo een idee te krijgen van de mogelijkheden. Uiteraard ga je ook zelf aan de slag. Neem bijvoorbeeld een liedje dat je al kent en voeg melodische omspelingen toe binnen de toonsoort. Voordat je daarmee begint, zoek je eerst uit wat de toonsoort is en of het majeur of mineur is. Is dat bekend, dan weet je welke tonen je tot je beschikking hebt. De piano of gitaar is daarbij een handig hulpmiddel, Vervolgens ga je met dit tonenmateriaal experimenteren. Als je muzikale aanleg hebt, kom je op gevoel en gehoor ook al een heel eind. Gaat dat goed, dan zou je zogeheten leidtonen kunnen toevoegen. Die zitten een halve toon onder of boven de toon waar je naartoe wil. Via die leidtoon glijd je als het ware naar die ene toon toe. Leidtonen passen niet overal. Gebruik ze vooral om naar de tonen te gaan die belangrijk zijn in de te zingen zin, dus de tonen die gewicht hebben. Wat je in ieder geval moet leren, zijn de ‘gewone’ toonladders, de pentatonische toonladders en de bluesladders, zowel in majeur als in mineur. Vanuit dat en vele andere oogpunten is het handig om als vocalist ook een instrument te kunnen bespelen, liefst een akkoordinstrument zoals gitaar of toetsen. Je kunt jezelf dan begeleiden tijdens het oefenen en je kunt dit instrument gebruiken om allerlei dingen uit te zoeken.

Arpeggio’s

Nog een paar oefeningen. Kies een toon en houd die zo lang mogelijk aan. Speel verschillende akkoorden en hoor wat die akkoorden doen met de gezongen toon. Hoor de kleurveranderingen. Een effectieve oefening is het zingen van arpeggio’s: de afzonderlijke tonen van een akkoord. Dit kun je voorzichtig opbouwen. Zing eerst alleen de grondtoon als je een akkoord aanslaat. Gaat dat goed, zing dan grondtoon en terts. Vervolgens kun je daar de kwint aan toevoegen en later ook de septime. Op deze manier krijg je de akkoorden goed in je hoofd. Ben je vertrouwd met het akkoord en de tonen waaruit het is opgebouwd, ga dan experimenteren met andere tonen. Vaak doe je dat al vanzelf, omdat het anders ietwat saai wordt om te doen. Voor de liefhebbers is er ook nog de ‘totale chaos methode’, zoals Alfons die noemt. “Neem een akkoordenschema en zing zo snel je kunt een geïmproviseerde melodie op dat schema, maakt niet uit wat. Maar blijf wel goed luisteren. Het lukt het beste als je niet stopt, maar alles helemaal volzingt. Zo gun je je bewustzijn geen moment om zich er mee te bemoeien. Je ontdekt zo dat je hersens al heel veel ‘op de automatische piloot’ kunnen. Foute noten bestaan niet, en als je iets zingt wat minder goed klinkt: de volgende noot is weer gewoon raak. Dit zal je zeker over je angst heen helpen iets fout te doen.” Maar hoe je het ook doet, je moet gewoon veel oefenen. “Doen, doen en nog eens doen”, is het advies van Alfons. Daar zijn tegenwoordig mooie hulpmiddelen voor. Zo kun je meersporenopnames van bekende nummers (tegen betaling) downloaden van karaokeversie.nl, en is er een app die iReal Pro heet. Dat is een soort Real Book (met alle jazz-standaards) in digitale vorm, die je kunt afspelen op bijvoorbeeld je smartphone. Niet alleen jazznummers, maar ook popnummers. Zo heb je een programmeerbare ‘begeleidingsautomaat’ met ritme, bas en akkoorden, waarvan je tempo, stijl en toonsoort naar believen kunt instellen.

Goed om te weten

Improviseren in de popmuziek

Het scatten in de jazz is een hele kunst op zich. Wil je in de popmuziek improviseren, dan hoef je het jezelf niet zo moeilijk te maken. Als je kunt zingen wat er staat (of zoals in het origineel wordt gedaan) en je kunt daarnaast improviseren op de pentatonische en de (daaruit afgeleide) bluesladders, dan kun je heel ver komen in de popmuziek. Dat geldt overigens ook voor instrumentalisten.

Gehoortraining

Wil je een goede muzikant worden? Zorg dan dat je goede (lees: muzikale) oren hebt. Dat is overigens prima te trainen door middel van gehoortraining. Het aanbod op dat gebied is heel breed, maar we noemen er hier één: de gehoortraining ontwikkeld door Bart Noorman. Ga voor meer informatie naar virtualmusicschool.org. Het hoeft bij gehoortraining overigens niet altijd zozeer over het benoemen van intervallen en akkoorden te gaan. Als je al hoort dat het nummer naar de eerste, vierde of vijfde trap gaat, ben je al een heel eind, zeker in de popmuziek. Bij het muziekmaken is het goed om in trappen te denken. Dan heb je het akkoordenschema in beeld onafhankelijk van de toonsoort.

Mariah Carey-krullen

De koningin van de melismen (melodische verfraaiingen) en riffs (versieringen die zijn ingestudeerd) is Mariah Carey. Zij staat voor een hele generatie R&B-zangeressen die hun muziek larderen met veel versieringen. Deze wijze van zingen vindt zijn oorsprong in de gospelmuziek. Een kleine bloemlezing van deze ‘vocale krullen’ van Mariah Carey vind je in onderstaande video (Mariah Carey – Best Studio Vocal Runs, Riffs & Melismatic Phrases):

Zie ook

» Muziek improviseren, hoe doe je dat?
» Jazz zingen: timing, frasering en improvisatie
» Zangtechniek – Leer alles over zingen
» Belten en twangen- Techniek voor hoog en hard zingen
» Ademsteun en ademcyclus bij het zingen

» Microfoons en accessoires
» Zangboeken
» Vocal effects
» Speakers

Reacties gesloten..