In ons eerste akkoorden-blog hebben we ze al aangestipt: de verminderde, overmatige en septiem-akkoorden. Nu gaan we wat dieper in op de functies en de opbouw hiervan. We bespreken bijvoorbeeld het ‘gewone’ septiem-akkoord (dominant septiem), mineur septiem en majeur-septiem, en het verschil tussen verminderd en half verminderd. Ook leggen we termen uit als laddereigen, laddervreemd en ‘enharmonisch gelijke tonen’.

Verminderde, overmatige en septiem-akkoorden - Leer ze hier

Overzicht van intervallen

Het volgende overzicht kan van pas komen bij de theorie in dit blog. Klik op de afbeelding om hem in het groot te zien.

Overzicht van intervallen vanaf C

De intervallen, steeds gerekend vanaf C. 1 = grote secunde, 2 = grote terts, 3 = reine kwart, 4 = reine kwint, 5 = grote sext, 6 = grote septiem, 7 = rein octaaf, 8 = overmatige prime, 9 = overmatige secunde, 10 = overmatige kwart, 11 = overmatige kwint, 12 = overmatige sext, 13 = kleine secunde, 14 = kleine terts, 15 = verminderde kwint, 16 = kleine sext, 17 = kleine septiem.

Dominant septiem (7)

Eerst even terug naar het ‘gewone’ septiem-akkoord van het eerste blog. Dit heet het ‘dominant septiem’-akkoord, dat je als volgt noteert: C7, D7, E7 enzovoorts. In spreektaal wordt dit akkoord meestal gewoon ‘septiem’ genoemd (bijvoorbeeld C septiem of C zeven) maar de officiële benaming is dominant septiem. Het dominant septiem-akkoord is een majeur-akkoord met daaraan toegevoegd een kleine septiem (zie pianotoetsen hierboven). C7 wordt dan c-e-g-bes, waarvan de bes de septiem is.

Laddereigen en laddervreemd

Iedere majeur-toonsoort heeft maar één ‘laddereigen’ dominant septiem-akkoord. Laddereigen (of diatonisch) betekent dat de tonen van het akkoord allemaal voorkomen in de tonen van de betreffende toonladder. Het laddereigen dominant septiem-akkoord valt op de vijfde trap van de majeur-toonladder. Dus in de toonsoort C majeur (c-d-e-f-g-a-b-c) is het dominant septiem-akkoord G7 (g-b-d-f). En zoals je ziet komen de tonen g-b-d-f allemaal voor in de C majeur-toonladder: c-d-e-f-g-a-b-c. In het blog over akkoord-progressies hebben we uitgelegd waarom het dominant septiem-akkoord graag wil oplossen naar het ‘thuisakkoord’. Zo wil G7 (g-b-d-f) graag oplossen naar C majeur (c-e-g). Dat komt door de leidtonen in het G7-akkoord: de b wil graag naar de c van het C majeur-akkoord, de f wil graag naar de e van het C majeur-akkoord. Tot slot: zoals gezegd bevat het C7-akkoord de toon ‘bes’, en die komt niet voor in de C majeur-toonladder. Dit maakt C7 tot een ‘laddervreemd‘ akkoord binnen de toonsoort C majeur. Uiteraard mag je het akkoord gewoon gebruiken, maar het is goed om het onderscheid te kennen.

Majeur septiem (maj7 of ∆)

De naam majeur septiem is enigszins verwarrend. Het gaat om een een majeur-akkoord waaraan een grote septiem is toegevoegd. De term ‘majeur’ (‘groot’) heeft hier dus opeens betrekking op de septiem! Het wordt als volgt genoteerd: Cmaj7 of C∆. Dus Cmaj7 wordt dan c-e-g-b. Ter vergelijking met het dominant septiem-akkoord: C7 is c-e-g-bes. Het verschil zit hem dus in de b en de bes, respectievelijk grote septiem en kleine septiem. Zie ook de pianotoetsen hierboven. Qua klankkarakter is het majeur septiem-akkoord anders dan het dominant septiem-akkoord. Laatstgenoemd akkoord is een akkoord dat duidelijk wil oplossen naar het thuisakkoord van zijn toonsoort: C7 wil naar Fmajeur. In het majeur septiem-akkoord is de (grote) septiem meer een kleuring van het majeur-akkoord. Dit akkoord heeft veel minder ‘oplossingsdrang’ dan het dominant septiem-akkoord. Een majeur septiem-akkoord geeft de muziek een wat jazzy karakter. Je kunt het dan ook niet zomaar overal toepassen: het is afhankelijk van de muziekstijl en het liedje. Het majeur septiem-akkoord is een mooi akkoord, maar je moet het wel smaakvol toepassen.

Mineur septiem (m7, min7 of mi7)

Dan het mineur septiem-akkoord. Dit noteren we zo: Cmin7 of Cmi7 of – meer gebruikelijk – als Cm7. In het mineur septiem-akkoord heeft de term ‘mineur’ geen betrekking op de septiem, maar op de kleine terts in het akkoord. Het is namelijk een mineur akkoord met daaraan toegevoegd een kleine septiem. Cm7 wordt dus c-es-g-bes. De es is een kleine terts, de bes een kleine septiem. Wat betreft het klankkarakter van het mineur septiem-akkoord geldt ongeveer hetzelfde als voor het majeur septiem-akkoord. Het is een kleuring van het basisakkoord en heeft geen sterke drang om op te lossen. Net als het majeur septiem-akkoord doet het mineur septiem-akkoord enigszins jazzy aan. In de rock zul je majeur septiem- en mineur-septiem-akkoorden dan ook niet gauw tegenkomen.

Laddereigen septiems

In de toonsoort C majeur is het Cmaj7-akkoord een laddereigen akkoord. Want de tonen c-e-g-b zitten allemaal in de toonladder van C majeur. De toonsoort C majeur kent drie laddereigen majeur-basisakkoorden, te weten C, F en G. Van twee van deze akkoorden is het majeur septiem-akkoord een laddereigen akkoord, namelijk Cmaj7 en Fmaj7. Het laddereigen septiem-akkoord van G is G7, dus het eerder besproken dominant septiem-akkoord. De toonsoort C majeur kent drie mineur-akkoorden: Dm, Em en Am. Van elk van deze akkoorden is het mineur septiem-akkoord laddereigen. Dus Dm7, Em7 en Am7 vallen allemaal in de toonsoort C majeur. Samenvattend: de laddereigen septiem-akkoorden in de toonsoort C majeur zijn Cmaj7, Dm7, Em7, Fmaj7, G7 en Am7. Resteert alleen nog de het B-akkoord. Hoe zit het daarmee? Het B-akkoord in de toonsoort C majeur is opgebouwd uit de tonen b-d-f: een opeenstapeling van twee kleine tertsen. Dit is de verminderde drieklank, ofwel het Bmb5-akkoord (spreek uit: B mineur mol 5), waarover straks meer. De terts in dit akkoord is een kleine terts (zoals in een mineur-akkoord) en de kwint is een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). De tonen b-d-f van het Bmb5-akkoord zitten in de toonsoort C majeur, dus Bmb5-akkoord is een laddereigen akkoord van C majeur. Hoe kunnen we hier een septiem aan plakken die binnen de toonsoort C majeur past? Daarvoor moeten we de kleine septiem van b hebben, te weten de a. Het wordt dus b-d-f-a, ofwel Bm7b5 (spreek uit: B mineur 7 mol 5). Een andere naam voor dit akkoord is B half verminderd. En daarmee komen we aan bij het volgende deel van dit artikel: de verminderde en half verminderde akkoorden.

Verminderde akkoorden

De akkoorden die we tot nu toe in deze serie hebben behandeld, zijn allemaal laddereigen akkoorden. Met andere woorden, het zijn akkoorden die zijn samengesteld uit de noten van de majeur- of mineur-toonladder. We gaan nu een overstap maken naar akkoorden die niet laddereigen hoeven te zijn, te weten de verminderde drieklanken, de verminderde septiem-akkoorden, de half verminderde akkoorden en de overmatige akkoorden. Het zijn allemaal akkoorden die graag willen oplossen en daarom vaak worden gebruikt als zogeheten doorgangsakkoord: een tussenakkoord dat je gebruikt om van het ene naar het andere akkoord te gaan.

Verminderde drieklank (mb5, dim of °)

Allereerst de verminderde drieklank. Dit akkoord hebben we kort hiervoor al genoemd toen het Bmb5-akkoord ter sprake kwam. De verminderde drieklank is een stapeling van twee kleine tertsen. Zoals gezegd: de terts in dit akkoord is een kleine terts (zoals in een mineur-akkoord) en de kwint is een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). De verminderde drieklank van C wordt dan c-es-ges. Je kunt de verminderde drieklank op drie manieren noteren: Cmb5, Cdim of Co. De toevoeging ‘dim’ is een afkorting van ‘diminished’ (Engels voor verminderd).

Verminderd septiem-akkoord (dim7 of °7)

We kunnen de verminderde drieklank (stapeling van twee kleine tertsen) uitbreiden naar een vierklank die bestaat uit een stapeling van drie kleine tertsen. Je krijgt dan het verminderd septiem-akkoord. C verminderd septiem wordt dan c-es-ges-a (zie alinea hieronder!). De notatie is Cdim7 of C°7. Het verminderd septiem-akkoord wordt meestal als een doorgangsakkoord gebruikt. Dus als een tussenakkoord om van het ene naar het andere akkoord te gaan. Bijvoorbeeld om van de vierde trap terug te gaan naar de eerste trap, zoals je in de blues wel eens hoort: F7-F#dim7-C7. Overigens is Cdim7 (c-es-ges-a) uit dezelfde tonen opgebouwd als D#-Ebdim7, F#-Gbdim7 en Adim7. Datzelfde geldt voor C#dim7 (cis-e-g-ais), Edim7, Gdim7 en A#-Bbdim7. En voor Ddim7 (d-f-as-b), Fdim7, G#-Abdim7 en Bdim7. Met andere woorden, met drie verschillende tooncombinaties hebben we alle verminderde septiem-akkoorden gedekt.

Enharmonisch gelijke tonen

We gaven hierboven aan dat het C verminderd septiem-akkoord bestaat uit de tonen c-es-ges-a, maar… dit is een vereenvoudigde notatie. De theoretisch correcte notatie is eigenlijk c-es-ges-beses. Nu is de beses in praktijk dezelfde toon als de A – ze zijn ‘enharmonisch’ gelijk, zoals dat heet – dus waarom noteren we dit zo? Opgelet: we hebben in ons eerste artikel geleerd dat je altijd in stamtonen (ofwel letters) telt vanaf de grondtoon. En dat een septiem (of die nou groot, klein of verminderd is) altijd de zevende stamtoon (letter) is vanaf de grondtoon. Voorbeeld: je wilt een C7-akkoord spelen, ofwel een majeur-akkoord met een kleine septiem. We gaan zeven letters tellen vanaf C, de grondtoon van het akkoord (zie de pianotoetsen bovenaan dit blog). Dan komen we dus uit bij de B. Van C naar B is echter een grote septiem, dus we verlagen de B met een halve toon naar een kleine septiem: de bes. Goed, er is ook nog zoiets als een verminderde septiem, hebben we net geleerd. Dan verlagen we de B met nóg een halve toon, naar beses. En dat is praktisch gezien dus dezelfde toon als de A. Toch blijven we de letter B gebruiken omdat de toon hier de functie heeft van een septiem (een septiem is de zevende letter) en niet die van een sext (zesde letter).

Half verminderd septiem (m7b5, ø of ø7)

De half verminderde akkoorden kwamen al even ter sprake bij de mineur septiem-akkoorden. Het half verminderd akkoord bevat namelijk bijna dezelfde tonen als een mineur septiem-akkoord, maar dan met een verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). C half verminderd wordt dan c-es-ges-bes. Waarom heet dit akkoord half verminderd? Vergelijk het maar eens met het verminderd septiem-akkoord. C verminderd septiem is c-es-ges-a (of dus eigenlijk: c-es-ges-beses). C half verminderd is c-es-ges-bes. Het verschil zit hem in de a (beses) en bes. Een verminderd septiem-akkoord is opgebouwd uit een stapeling van drie kleine tertsen. Een half verminderd akkoord is opgebouwd uit een stapeling van twee kleine tertsen en één grote terts. Net als het verminderd septiem-akkoord wordt het half verminderd akkoord vaak gebruikt als doorgangsakkoord. Maar het klinkt iets minder ‘heftig’ dan het verminderd septiem-akkoord. Verminderde septiem-akkoorden zijn in geen enkele majeur-toonsoort laddereigen. Dat geldt ook voor de meeste half verminderde akkoorden, met uitzondering van het half verminderde akkoord op de zevende trap. In de toonsoort C majeur is B half verminderd (b-d-f-a) een laddereigen akkoord. Een half verminderd akkoord kun je op verschillende manieren noteren. We noemden al de notatie als mineur septiem-akkoord met verminderde kwint (‘verlaagde vijf’). Dat wordt dan Cm7b5 (spreek uit: C mineur 7 mol 5). Het kan ook eenvoudiger, namelijk Cø of Cø7. Dit lijkt op de notatie van de verminderde drieklank (C°), maar dan met een streepje door de nul. Samenvattend: C° is de verminderde drieklank (c-es-ges), C°7 is het verminderd septiem-akkoord (c-es-ges-a) en Cø of Cø7 is het half verminderd akkoord (c-es-ges-bes).

Overmatige akkoorden (+, #5 of aug)

Tot zover de verminderde en half verminderde akkoorden. Tot slot bespreken we het overmatige (augmented) akkoord. Hiervoor zijn verschillende notaties in omloop. Een overmatig C-akkoord kan zo worden genoteerd: C+, C#5 of Caug. Het overmatig akkoord verschilt met een majeur-akkoord door een overmatige kwint (‘verhoogde vijf’). Bijvoorbeeld: C majeur is c-e-g, C+ is c-e-gis. Net als het verminderde akkoord is het overmatig akkoord een akkoord dat wil oplossen, dus ergens naartoe wil. Het wordt dan ook veel als doorgangsakkoord gebruikt. Bijvoorbeeld om van de eerste trap naar de vierde trap te gaan. In een slow blues hoor je wel eens deze akkoorden-reeks: A7-A7+-D7 (in de eerste maat drie tellen A7 en één tel A7+, daarna een volle maat D7). In dit voorbeeld is er aan het overmatige akkoord nog een kleine septiem toegevoegd (A septiem overmatig: a-cis-f-g), die het akkoord nog iets heftiger maakt en nog meer oplossingsdrang geeft. Overigens wordt in een blues vrijwel altijd deze septiem erbij gespeeld.

Herkennen

De akkoorden die we in deze aflevering hebben besproken, hebben eigenlijk allemaal wel een heel herkenbare klankkleur. Met enige oefening zijn ze doorgaans goed te herkennen. Van de verminderde en overmatige akkoorden hoor je heel goed dat ze buiten de toonsoort gaan, dus die pik je er doorgaans gemakkelijk tussenuit. Half verminderde akkoorden zijn minder gemakkelijk te herkennen, maar die worden in de popmuziek ook niet zo heel veel gebruikt.

Dit was – na ons basisblog en het akkoordprogressie-blog – de derde aflevering in de serie over akkoorden. Met de tot nu toe besproken akkoorden hebben we de belangrijkste in de pop en rock wel gehad. Je kunt er in ieder geval een heel eind mee uit de voeten. Natuurlijk zijn er nog veel meer akkoorden. Dat zijn dan akkoorden die vooral in de jazz worden gebruikt en slechts af en toe in de pop en blues. In de volgende aflevering leggen we uit hoe dergelijke 9-, 11- en 13-akkoorden in elkaar zitten.

Goed om te weten

Truc op gitaar

Majeur- en mineur-akkoorden en de bijbehorende septiem-akkoorden moet je eigenlijk geautomatiseerd hebben. Dus kunnen spelen zonder erbij te hoeven nadenken. Met de verminderde en overmatige akkoorden zal dat ook redelijk lukken. Half verminderd wordt al ietsje lastiger, zeker op gitaar. Maar er is een truc om het je wat gemakkelijker te maken. Moet je bijvoorbeeld D half verminderd spelen (Dø of Dm7b5)? Speel dan gewoon Fm (dus Fmineur). Dø is opgebouwd uit de tonen d-f-as-c. Fm is opgebouwd uit f-as-c. Dus dezelfde tonen als Dø, maar dan zonder de d. Het is niet erg om als gitarist die d niet te spelen. De d is namelijk de grondtoon en die neemt de bassist wel voor zijn rekening. En wellicht dat de toetsenist hem ook wel speelt. Je kunt beter een noot weglaten dan een foute noot spelen of heel lang moeten nadenken in welke greep je hem zal pakken. Overigens kan het smaakvol zijn om niet iedere muzikant álle tonen van een akkoord te laten spelen. Je kunt ze verdelen over de verschillende muzikanten. Dat kan voor je sound heel goed uitpakken en het iets eigens geven. Meer uitleg over het weglaten van tonen vind je hieronder.

Tonen weglaten in akkoorden

Ben je gitarist of toetsenist, speel dan in ieder geval de terts uit het akkoord. Die is erg belangrijk, want die bepaalt of het een majeur- of mineur-akkoord is. De terts speel je uiteraard niet als er power chords worden gespeeld, dus akkoorden met alleen grondtoon en kwint, maar zonder terts. Zit er een kleine septiem in het akkoord, speel die dan ook. De terts en de kleine septiem zijn de belangrijkste ‘kleurders’ van een akkoord. De grondtoon is natuurlijk ook belangrijk, maar die wordt doorgaans door de bas gespeeld. Op toetsen kan het mooi zijn om in een gespeeld akkoord de grondtoon weg te laten. Dat klinkt meer open. En hoe zit het met de kwint? Als het een reine kwint is, zoals in de meeste akkoorden, kun je die gerust weglaten. Dat geldt met name voor toetsenisten. De reine kwint (dominant) is namelijk sterk verwant aan de grondtoon (tonica) en doet eigenlijk weinig aan de kleuring van het akkoord. Dat wordt natuurlijk anders als je die reine kwint gaat verlagen of verhogen, dan wordt hij juist heel bepalend in het akkoord en moet je hem zeker spelen. Stel, je hebt een gitarist en een toetsenist in een band. Het kan een muzikale keuze zijn dat de gitarist alle akkoorden ‘basaal’ speelt, dus niet verder gaat dan de septiem. De toetsenist zou dan naar smaak de akkoorden verder kunnen inkleuren door tonen toe te voegen die ‘verder gaan’ dan de septiem (dus 9, 11 en 13). Deze akkoorden bespreken we in de volgende aflevering.

Functioneel harmonisch of gewoon een klankkleur

Meestal hebben akkoorden een harmonische functie. Bijvoorbeeld doordat ze willen oplossen naar een volgend akkoord. Maar dat hoeft niet altijd zo te zijn. Dat geldt met name voor de bijzondere akkoorden. Speel maar eens een overmatig akkoord en voeg daar een grote septiem aan toe. Dus bijvoorbeeld c-e-gis-b. Dit akkoord zou dan C+maj7 heten. Het klinkt apart, spannend en het wringt enorm. Maar naar welk akkoord het zou moeten oplossen, is niet echt duidelijk. Zo’n akkoord leent zich prima voor bijvoorbeeld filmmuziek en kan helemaal op zichzelf staan. Ook de septiem die in veel blues-akkoorden wordt gespeeld is meer een klankkleur dan dat hij functioneel harmonisch is.

Overzicht laddereigen septiem-akkoorden

In onderstaande tabel zie je de laddereigen septiem-akkoorden per majeur toonsoort (voor uitleg: zie het artikel hierboven). Cmaj7 (C∆) is c-e-g-b, Cm7 is c-es-g-bes, enzovoorts. De Romeinse cijfers boven de tabel zijn de trappen (zie vorige aflevering). Het akkoord op de zevende trap is een half verminderd akkoord en lijkt op een mineur septiem-akkoord, maar dan met een verminderde kwint (mineur 7 mol 5). Dit akkoord kan op twee manieren worden genoteerd: Bm7b5 en Bø. Klik op de afbeelding om hem te vergroten.

Overzicht laddereigen septiem-akkoorden

Overzicht (half) verminderde en overmatige akkoorden

In de tabel hieronder zie je per toon de verminderde drieklank, het verminderd septiem-akkoord, het half verminderd akkoord en het overmatig akkoord. Notatie verminderde drieklank: Cmb5 of C°. Notatie verminderd septiem-akkoord: Cdim7 of C°7. Notatie half verminderd akkoord: Cm7b5, Cø of Cø7. Notatie overmatig akkoord: C+, C#5 of Caug. De benamingen van de akkoord-tonen hebben we bewust eenvoudig gehouden. Zo moet de e in het verminderde Db-akkoord eigenlijk fes heten. Dit heeft weer te maken met wat we hierboven bespraken onder het kopje ‘Enharmonisch gelijke tonen’. In de toonsoort Db is de e namelijk een verlaagde f, dus fes. En zo zijn er meer tonen die we hier ‘oneigenlijk’ benoemd hebben. Maar we hebben in deze overzichten bewust gekozen voor de eenvoud en praktische toepassing. Klik op de afbeelding om hem te vergroten.

Overzicht (half) verminderde en overmatige akkoorden

Zie ook

» Muziekboeken
» Toetsinstrumenten
» Alle Muziekinstrumenten & Accessoires

» Akkoorden: theorie en akkoordsymbolen
» 9, 11 en 13-akkoorden – Zo zitten ze in elkaar
» Akkoordprogressies begrijpen – Trappen, leidtonen en spanning
» 9, 11 en 13-akkoorden – Zo zitten ze in elkaar
» Piano-akkoorden spelen? Dit is de basis!
» Ukelele leren spelen in 3 stappen
» Gitaarakkoorden leren spelen voor beginners
» Muziektheorie & Noten lezen: je leert het hier!
» Noten leren lezen: C majeur toonladder
» Noten leren lezen: ritme, tempo en maatsoort
» Pentatonische toonladder: makkelijk te leren!

Geen reactie

Nog geen reacties...

Laat een reactie achter