Extreem zingen is het opzoeken van de grenzen van je stem. Bijvoorbeeld door te zingen in het fluitregister, dat uitzonderlijk hoog is. Boventoonzingen is weer compleet anders, en iets makkelijker te leren. En dan is er ook nog meertonig zingen… We gaan je inwijden in de meest mysterieuze gebieden van de zang!

Fluitregister, boventoonzang en diplofonie - Kun je dat leren?

Let op

Ga onderstaande zangtechnieken niet in je eentje uitproberen, maar combineer deze kennis altijd met zanglessen. Zelfs een paar lessen zijn al beter dan niets. Hiermee voorkom je a) dat je vastloopt en b) dat er schade aan je stembanden ontstaat.

Fluitregister

We beginnen met het fluitregister, in het Engels het ‘whistle register’. Dat is extreem hoog zingen. Het is het hoogste register van de menselijke stem. Het is nog hoger dan wat in de klassieke wereld het falsetregister (kopstem) wordt genoemd. Fluitregister wordt ook wel flageoletregister genoemd. Het zijn meestal vrouwen die deze bijzondere techniek beheersen, maar toch ook enkele mannen. Bekende vocalisten die dit kunnen, zijn onder andere Minnie Ripperton, Mariah Carey, Georgia Brown, Ariana Grande, Christina Aguilera en (de man in deze opsomming) Adam Lopez. Bekijk en beluister de filmpjes en je snapt meteen wat we hier bedoelen met het fluitregister. Het zijn extreem hoge tonen. Een tekst zingen lukt niet echt in het fluitregister, het zijn meer losse klinkers die je dan zingt.

Raadselachtig

Inmiddels heeft de wetenschap onze stemopwekking al behoorlijk in kaart gebracht, maar fluitregister blijft één van de meest raadselachtige terreinen van onze stem. We kunnen nog niet met 100 procent zekerheid zeggen hoe het werkt. Zangcoach Alfons Verreijt legt uit waar het probleem zit: “Bij gebruik van het fluitregister klapt de epiglottis (het strottenklepje) naar achteren, zoals dat bij twangen ook gebeurt. En daarmee is de weg geblokkeerd om een camera in te brengen om te zien wat er met de stembanden gebeurt. We moeten dus gissen wat de stembanden doen als je het fluitregister gebruikt.” Maar er is al wel wat bekend, volgens Alfons. “We weten dat de epiglottis een belangrijke rol speelt in het creëren van de klankkleur en de regulering van de luchtstroom. Dat is bij het fluitregister zeker het geval. De ‘klankkamer’ onder de epiglottis is bij het fluitregister heel klein, om zo een hoge toon mogelijk te maken.” En de stembanden? Dat is het lastigste verhaal. De stembanden vormen tezamen de stemspleet. Bij ademen is die stemspleet geopend. Bij ‘normaal’ zingen en spreken (dus niet het fluitregister) zijn ze gesloten, maar niet zo strak dat er geen beweging meer in zit. Door de lucht die er langs stroomt, gaan de stembanden trillen, zodat we een klank maken. Bij het fluitregister zijn de stembanden grotendeels gesloten en trillen ze niet of nauwelijks. Maar aan de achterkant van de stembanden, waar deze uitlopen in de bekerkraakbeentjes, vormen deze bekerkraakbeentjes een kleine driehoek waar de lucht door kan stromen. Het is een opening die lijkt op het labium van een fluit en ook net zo werkt. Dat labium trilt zelf niet, maar het is de lucht in het labium die trilt (wervelt) en zo een toon voortbrengt. Bij het fluitregister trillen de stembanden dus niet of nauwelijks. “We gaan ervan uit dat het zo werkt, want in het fluitregister lijkt de klank van je stem ook erg op die van een fluit. Vandaar ook naam fluitregister”, aldus Alfons.

Veel ademsteun

Als je de filmpjes bekijkt, zal je opvallen dat iemand die in het fluitregister zingt, lang kan zingen op één ademteug. Dat is goed te verklaren, aldus Alfons. “Hoe hoger een toon, des te minder energie hij nodig heeft. Dat betekent dat je relatief weinig lucht nodig hebt om een fluittoon te maken. Maar dat betekent wel dat je veel ademsteun moet geven om de luchtstroom niet te snel te laten gaan en dat is hard werken.” Hoe zit het met zuiver zingen in het fluitregister? “De besturing van je toon is bij het fluitregister minder direct. Je bestuurt het met de spanning op je stemspleet en niet direct met je stembanden.” Is er een artistieke reden om het fluitregister te gebruiken? Of is het gewoon een kunstje, dus indruk maken met stemacrobatiek? “Dat laat ik aan ieders eigen oordeel over”, antwoordt Alfons. “Persoonlijk zou ik ervoor kiezen om het af en toe te gebruiken, voor het ‘wow-effect’. Heel lang naar iemand luisteren die voortdurend in het fluitregister zingt, kan op den duur toch gaan vervelen. Dat heeft er zeker ook mee te maken dat je in het fluitregister niet echt een tekst kunt zingen, dus geen verhaal kunt vertellen.”

Fluitregister leren

Kan iedereen zich het fluitregister eigen maken? “Ervan uitgaande dat iedereen dezelfde fysiologie heeft, zou iedereen het moeten kunnen leren. Maar dat is de theorie”, denkt Alfons. “Het lijkt mij niet iets speciaals of een afwijking in je stem.” Maar stel dat je je het fluitregister eigen wilt maken, hoe kun je het dan leren? “Een paar dingen zijn zeker”, aldus Alfons. “Je epiglottis (strottenklepje) moet je naar achteren klappen, zoals je dat ook doet met twangen. En je kunt zowel vanuit je ‘lage’ stem naar het fluitregister gaan als vanuit je falsetstem. Het is net alsof je alles dicht zet en door een klein gaatje gaat piepen.” Alfons benadrukt dat ook hier het strottenhoofd ontspannen moet zijn: “Anders lukt het zeker niet, maar spanning op je strottenhoofd geeft ook risico op stemschade. Ook als je ‘normaal’ zingt, moet je strottenhoofd ontspannen zijn.” Omdat niemand weet hoe het fluitregister precies werkt, is het lastig om het iemand die het wil leren, precies uit te leggen. Daarom adviseert Alfons om hierbij terug te vallen op de oudste methode van leren, namelijk door te imiteren. Dus laat je spiegelneuronen het werk doen. Zie ook hieronder ‘Leren door te imiteren’

Boventoonzingen

Het fluitregister is een fenomeen dat je nog wel eens voorbij hoort komen in de popmuziek. Dat geldt niet of in ieder geval in veel mindere mate voor een ander fenomeen dat je kunt scharen onder extreem zingen: het boventoonzingen (Engels: overtone singing). In bepaalde volksmuziek neemt boventoonzang een belangrijke plaats in. Bekend zijn bijvoorbeeld de Mongoolse keelzangers:

Er zijn ook koren die zijn gespecialiseerd in boventoonzingen:

En een waanzinnige demonstratie van boventoonzang wordt gegeven door Anna-Maria Hefele:

Hoe werkt boventoonzang?

Als we een toon maken met onze stem, maak je altijd een grondtoon met enkele boventonen. Wissel je van klinker, dan wordt weer een andere groep boventonen hard in de klank. Zo’n groep boventonen noemen we een formant. Maar normaal gesproken is de grondtoon zo dominant, dat je de boventonen niet apart hoort. Bij boventoonzingen ga je een bepaalde formant extreem versterken, zodat je hem wél apart hoort naast de grondtoon. Dat doe je door je mondholte te veranderen. Door daarin te variëren, kun je bij dezelfde grondtoon afwisselend verschillende formanten laten horen. Deze kunnen dan worden waargenomen als een aparte melodie, onafhankelijk van de grondtoon. De hiervoor genoemde Anna-Maria Hefele demonstreert dat op magistrale wijze, waarbij ze ook nog eens steeds van grondtoon wisselt. Opvallend is het fluitkarakter van de boventonen, die zeker doet denken aan het fluitregister. En net als bij het fluitregister: ook hier kun je weer geen tekst zingen, het zijn louter klanken.

Boventoonzingen leren

Meertonig zingen (diplofonie)

Dan tot slot meertonig zingen. Dit is de vreemdste eend in de bijt als het gaat om extreem zingen. Er zijn maar weinig mensen die dit kunnen. Bijvoorbeeld Lalah Hathaway, de dochter van zanger en songwriter Donny Hathaway. Lalah behoort tot de uitzonderlijke talenten die zelf diplofonie – ofwel: tweestemmigheid – kunnen oproepen en weer uitzetten. Normaal gesproken is diplofonie een teken van stemschade en niet iets wat je op een gezonde manier kunt gebruiken, maar Lalah is (blijkbaar) een uitzondering. Kijk en luister eens naar het nummer Something dat Lalah uitvoert met de band Snarky Puppy. Aan het eind zingt Lalah ‘diplofonisch’ (het lijkt alsof ze zelfs drie tonen zingt, maar daarover kun je discussiëren, want waar twee tonen klinken, is immers ook altijd een derde toon: de interferentie tussen de eerste twee).

Leren door te imiteren

De oudste manier van leren is imiteren. “Onze spiegelneuronen spelen hierin een belangrijke rol”, legt Alfons Verreijt uit. “Deze bevinden zich in de premotorische schors en in de pariëtale kwabben in de hersenen. De premotorische schors en de supplementaire motorische schors zijn verantwoordelijk voor programmering, de primaire motorische schors voor de uitvoering van bewegingen. De pariëtale kwabben spelen een rol bij het integreren van de zintuiglijke informatie en bij het ruimtelijk denken. De spiegelneuronen zijn voortdurend alert op de omgeving en kunnen heel snel reageren, sneller nog dan het bewustzijn zelf.” Alfons benut dit in zijn lespraktijk. Hij geeft een voorbeeld. “Je maakt een opname van je eigen zang. Vervolgens speel je deze opname af en playback je mee met je eigen opname. Het wonderlijke is dat je hersenen, dankzij de spiegelneuronen, reageren op het opgenomen geluid alsof je het ter plekke echt zingt. En daardoor ook je lichaam: dat doet tijdens het playbacken exact hetzelfde als wat je hebt gedaan toen je de klank echt maakte.”Wat is nu de essentie hiervan? “Spiegelneuronen helpen je om iets te leren zonder het eerst te moeten analyseren en begrijpen. Door te imiteren, kun je zonder het precies te begrijpen, toch heel dicht benaderen wat een zanger doet. Als docent zing ik in gedachten mee met mijn leerlingen en voel daardoor wat er ‘binnen in’ de leerling gebeurt. Ik ben er ook van overtuigd dat natuurtalenten beschikken over veel of goed ontwikkelde spiegelneuronen. Ook kleine kinderen leren door te imiteren: niemand legt ze uit hoe ze moeten lopen of praten. Ze zien en horen anderen die dat doen en doen dat vervolgens na.”

Zie ook

» Zoek je oerkreet (en houd je stem heel)
» De juiste houding bij het zingen
» Jazz zingen: timing, frasering en improvisatie
» Stemproblemen bij zangers – Hoe deze ontstaan
» Stembreuk: wel of geen probleem?
» Zangtechniek – Leer alles over zingen
» Zingen met effecten: growlen, grunten, distortion, krijsen, kraken, ruisen…

» Microfoons en accessoires
» Zangboeken
» Vocal effects
» Speakers

Reacties gesloten..