Bij het gebruik van effecten in je DAW is het belangrijk dat je stilstaat bij de routing. Moet je alle effecten gewoon als inserts achter elkaar zetten? Maakt de volgorde uit? En wat zijn de voordelen van een aux send? In dit artikel geef ik hier antwoord op én verklap ik hoe je je muziek net zo dik kunt laten klinken als YouTube-hits. Simpelweg door een effect op een ongewone plaats in de effectketen te zetten. Veel van wat ik hier bespreek, geldt trouwens ook voor mengpanelen.

Inserts

De meest voor de hand liggende manier om effecten te gebruiken in een DAW, is om een plugin te openen in een ‘insert slot’ op het kanaal waar je het effect wilt hebben. Het signaal gaat hierbij in zijn geheel door het betreffende effect, daarna eventueel naar één of meer volgende effecten en uiteindelijk naar de fader. Als je meerdere effecten achter elkaar zet, wordt het signaal ook in die volgorde bewerkt. Gebruik je bijvoorbeeld een equalizer om overtollig laag weg te halen en zet je na de equalizer een compressor, dan zal die compressor dankzij de equalizer minder heftig reageren op lage frequenties. Als je de equalizer gebruikt om een bepaald frequentiegebied te boosten, dan zal de compressor juist heftiger gaan reageren op dat frequentiegebied. In dat laatste geval kun je de equalizer waarschijnlijk beter ná de compressor plaatsen.

Aux sends

Effecten als reverb en delay worden meestal in een zogenaamde send/return-constructie gebruikt. Met een ‘send’ splits je het signaal af en stuur je het naar een apart kanaal in je DAW. In dat aparte kanaal open je een reverb- of delay-effect. Dit doe je weer gewoon in een insert slot. Het droge signaal en het bewerkte signaal zijn nu beide te horen. Met de send-knop kun je instellen hoe hard je het signaal naar de reverb of delay stuurt en hoe hard je het effect dus hoort.

Parallel

Een groot voordeel van aux sends is dat je meerdere kanalen naar dezelfde reverb of delay kunt sturen. Dat zal ten eerste de indruk wekken dat de instrumenten zich in dezelfde ruimte bevinden. Bovendien scheelt het je computer een hoop rekenkracht als je niet op elk kanaal een aparte reverb gebruikt. Een ander voordeel is dat je het effect los van het oorspronkelijke geluid kunt bewerken. Je kunt bijvoorbeeld met een equalizer het laag van een reverb wat terugschroeven, terwijl het laag van de geluidsbron onaangetast blijft. Aux sends zijn daarom ook erg geschikt voor modulatie-effecten, zoals chorus, phaser en flanger.

Pre fader / post fader

Bij effecten als reverb en delay wordt vrijwel altijd gekozen voor ‘post fader’ aux sends. Dit betekent dat als je een fader omlaag brengt, het signaal ook zachter naar het effect wordt gestuurd. De verhouding tussen het droge signaal en het effect blijft op die manier altijd gelijk. Een ‘pre fader’ send werkt helemaal los van de fader van het betreffende kanaal. Zelfs als je de fader helemaal dicht zet, zal een pre fader send nog steeds geluid uitsturen. Pre fader sends worden daarom vooral gebruikt voor monitoring, zowel live als in de studio. Voor effecten zijn pre fader sends minder geschikt, omdat de verhouding tussen effect en droog signaal verandert zodra je de fader verschuift.

Voorbeeld: compressie met aux sends

Zoals je intussen misschien begrijpt, kan het veranderen van de plaatsing van een effect in de keten een grote impact hebben op je mix. Een sterk voorbeeld daarvan is het gebruik van een compressor in een aux send-constructie. Dit heet parallelle compressie of New York compression en het is een populaire techniek om tracks ‘aan te dikken’. Omdat de werking van een compressor sterk afhangt van hoe hard het signaal binnenkomt, kun je hier het beste een pre fader send gebruiken. Vergeet bij het instellen van de compressor alles wat je hebt geleerd over subtiele instellingen. Gebruik zeer korte attack- en release-tijden en een hoge ratio. Een gain-reductie van -18 dB is helemaal niet gek bij deze techniek. Als je een compressor met deze instelling als insert zou gebruiken, zou je een plat en levenloos geluid krijgen. Maar door de compressor op bovenstaande manier parallel te gebruiken, behoud je de punch en dynamiek van het onbewerkte signaal en heb je toch de sustain en het detail van een hard werkende compressor.

Wat zijn jouw favoriete effectketen-trucs? Laat een reactie achter!

Zie ook

> DAW-software
> Effect-plugins
> Mengpanelen
> Studio-randapparatuur

> Blog: Effecten en hun toepassingen: delay
> Blog: Effecten en hun toepassingen: galm
> Blog: Tech talk: de digitale PA-mixer nader verklaard
> Blog: Hoe neem je zelf een goed klinkende demo op?
> Blog: DAW-plugins – wat zijn het en wat kun je ermee?
> Blog: Compressors, wat zijn het en hoe gebruik je ze?

2 reacties
  1. Marcel Hendriks schreef:

    In een DAW kan je ook veelvuldig gebruik maken van mix bussen. Je brengt je statische mix van een groep (bijv. gitaren ) bij elkaar. Binnen deze bus kan je de gitaar mix als geheel voorzien van EQ, compressie en analoge simulaties. Zo blijft het geluid vaak rustiger, dan elk kanaal afzonderlijk bewerken. Mocht één kanaal specifiek toch nog wat onrustig zijn, kan je dat altijd nog achteraf recht zetten op de insert van dat specifieke kanaal.

    • Beste Marcel,

      Bedankt voor je toevoeging. Mixbussen zijn inderdaad een belangrijke stap in de workflow van een mixing engineer. Misschien wel belangrijk genoeg om er binnenkort een artikel aan te wijden.

      Stefan | Bax Music

Laat een reactie achter