Je kunt een koor zien als een enorme geluidsbron die over een breedte van soms wel tientallen meters geluid produceert. Dat brengt unieke uitdagingen met zich mee als je een koor moet opnemen. Hoe zorg je bijvoorbeeld dat iedereen goed te horen is op de opnames, maar dat het zangkoor nog wel als een geheel klinkt? In dit blog vertel ik hoe je met twee of drie slim geplaatste microfoons een evenwichtige en verstaanbare stereo-opname maakt van een koor!

Hoe je een koor moet opnemen

Wat voor microfoon?

Condensatormicrofoons zijn over het algemeen een betere keuze dan dynamische microfoons als je een koor gaat opnemen. Bij het opnemen van een koor staan de microfoons meestal een stuk verder weg dan wanneer je een solo-zanger(es) zou opnemen, en condensatormicrofoons klinken op afstand meestal natuurlijker dan dynamische microfoons. Binnen de condensator-familie zijn de kleinmembraan-condensatormicrofoons het meest geschikt voor de koor-situatie omdat dit type microfoon ook geluiden van opzij nog redelijk ongekleurd kan registreren. Grootmembraan microfoons zijn hier over het algemeen minder goed in. Extra tip: ribbon-microfoons kunnen ook fantastisch werken bij een koor.

Definitie en dekking

Het opnemen van een koor is in essentie de perfecte balans vinden tussen voldoende definitie en voldoende dekking. Hoe verder je de microfoons van het koor af plaatst, hoe meer het koor als een geheel gaat klinken. De keerzijde is dat het ook steeds ‘wolliger’ gaat klinken. Zet je de microfoons juist heel dichtbij, dan krijg je veel meer definitie. Ofwel, je kunt elk woord verstaan. Het risico hier is alleen dat je de microfoons te veel richt op een klein groepje zangers en dat de rest van het koor buiten de boot valt. In dit geval heb je te weinig dekking. Hieronder beschrijf ik stap voor stap hoe je zowel dekking als definitie onder controle krijgt.

Eenvoudige microfoonopstellingen

Bij een klein koor kun je gebruikmaken van een X-Y-opstelling:

X/Y opstelling met twee cardioïde microfoons met de capsules zo dicht mogelijk bij elkaar onder een hoek van 90 graden

Met een ORTF-opstelling heb je iets meer dekking en een breder stereobeeld:

ORTF opstelling

Bij grotere koren zul je echter snel merken dat je het koor niet helemaal in balans krijgt. De zangers in het midden klinken harder dan de zangers die ver links en ver rechts staan. Dit probleem kun je oplossen door de microfoons verder uit elkaar te plaatsen. In dit geval krijgen we een A-B-opstelling:

A/B opstelling met twee omnidirectionele of cardioïde microfoons

In ons blog over stereo-microfoonopstellingen kun je in detail lezen hoe elke opstelling werkt!

A-B-opstelling: faseproblemen en de 3:1 regel

Bij een A-B-microfoonopstelling kunnen er faseproblemen ontstaan. De kapsels staan immers niet tegen elkaar aan zoals bij een X-Y-opstelling. Op het moment dat een geluid niet op hetzelfde moment bij beide microfoons arriveert, kunnen bepaalde frequenties elkaar gaan uitdoven. Het gevolg is een onnatuurlijk ‘gefilterd’ geluid. Dit effect staat bekend als het kamfilter-effect. Faseproblemen kun je in dit geval voor een groot deel voorkomen met de zogeheten 3:1 regel. Het doel is hier om ervoor te zorgen dat de microfoons zo min mogelijk dezelfde geluiden opvangen. Dit doen we door de afstand tussen de microfoons minstens drie keer zo groot te maken als de afstand tussen iedere microfoon en hun dichtstbijzijnde geluidsbron. Bij heel grote koren heb je met een gewone A-B-opstelling nog steeds niet genoeg dekking. In dat geval kun je er een microfoon bij zetten. Ook hier kun je met de 3:1 regel faseproblemen voorkomen.

Richtingskarakteristiek

Bij een A-B-opstelling kun je ook experimenteren met verschillende richtingskarakteristieken. Met twee cardioïde microfoons heb je een breed stereobeeld en hoor je relatief weinig van de akoestiek van de ruimte. Met twee omnidirectionele microfoons wordt het stereobeeld iets smaller omdat de microfoons meer van dezelfde geluidsbronnen oppikken. Verder zal het een stuk ruimtelijker klinken en blijft de frequentierespons ook consistenter naarmate geluidsbronnen verder van de microfoon staan.

Hoe hoog kan ik de microfoons het beste plaatsen?

De onbalans die kan ontstaan als je de microfoons te dicht bij het koor zet, kan ook ontstaan als het koor bestaat uit meerdere rijen. Zo kan het gebeuren dat de voorste rij veel harder klinkt dan de achterste rij. Door de microfoons een stuk hoger te plaatsen, maak je het verschil in afstand tussen de voorste en achterste rij tot de microfoons een stuk kleiner. Dit kan betekenen dat je de microfoons een meter of drie de lucht in moet hijsen. In dit geval is een stel stevige overhead-statieven een must.

Wat is het grootste koor dat jij ooit hebt opgenomen? Hoe zag je microfoonopstelling eruit? Deel het in de comments!

» Opnames maken – Alles over recording
» Brom, en hoe ik het voorkom
» Ribbon-microfoons: de voor- en nadelen
» Mixen & masteren van muziek – Leer het hier!
» Het verschil tussen dynamische en condensator-microfoons
» Stereo mixen in 3D: diepte creëren met twee speakers
» Fase-problemen in de studio: zo kun je ze oplossen of voorkomen
» Microfoon-opstellingen bij stereo-opnames

» Kleinmembraan-condensatormicrofoons
» Normale hengel-microfoonstatieven
» Overhead-microfoonstatieven
» Alle microfoons & accessoires
» Alle Studio & Recording-producten

Geen reacties

Er zijn nog geen reacties gepost...

Laat een reactie achter