We weten steeds meer over de werking van onze hersenen. Die kennis kun je benutten voor je ontwikkeling als muzikant bij het instuderen van muziek. Ontdek de kracht (en het gevaar) van herhaling en kom sneller op een muzikaal hoger niveau. We gebruiken hierbij de zanger als voorbeeld, maar deze kennis is net zo goed te gebruiken voor andere instrumenten!

Muziek instuderen - De kracht en het gevaar van herhaling

Eindelijk bewezen

Over de hersenwetenschap zijn inmiddels bibliotheken vol geschreven. En dankzij technieken als bijvoorbeeld fMRI (functional Magnetic Resonance Imaging) kunnen we live in de werkende hersenen turen. “Veel dingen die goede docenten in de praktijk al hebben ervaren, zijn en worden nu met dit hersenonderzoek verklaard en bewezen”, zegt Alfons Verreijt, die als zangcoach dagelijks gebruik maakt van de voortschrijdende kennis op het gebied van de hersenen. Als zanger en instrumentalist kun je deze kennis benutten om jezelf zangtechnisch, speeltechnisch en muzikaal zo goed mogelijk te ontwikkelen. En ook nog eens op een efficiënte manier: dus het meeste resultaat tegen de minste inspanning.

Je hele leven leren

Vroeger werd gedacht dat na de jongvolwassenheid de hersenen zich niet of nauwelijks meer ontwikkelen. Inmiddels weten we beter. Je hersenen kunnen zich je hele leven nog reorganiseren en vernieuwen, waardoor je tot op hoge leeftijd kunt blijven leren. Er worden verbindingen aangelegd of vernietigd, er komen zelfs hersencellen bij indien nodig. Je hersenen zijn een dynamisch geheel en veranderen dagelijks. Hersenen werken efficiënt. Dat moet ook, want ze gebruiken een groot deel van de beschikbare zuurstof en voedsel in ons lichaam. Een voorbeeld van efficiënt werken: in ons dagelijks leven moeten we veel gecombineerde handelingen doen. Weet je nog dat je moest leren schakelen bij het autorijden? Of wellicht staat je dat nog te wachten. Schakelen is veel handelingen tegelijk: met je rechterhand het schakelen zelf, met je linkervoet koppelen, met je rechtervoet het gaspedaal bedienen, met je linkerhand sturen en ondertussen ook nog op het verkeer letten. Het vraagt veel coördinatie en oefening, maar als je het eenmaal kan, heb je het helemaal geautomatiseerd en hoef je er niet meer bij na te denken. Als je (gecombineerde) handelingen doet die voor jou nieuw zijn, zijn er op dat moment meerdere delen van je hersenen op een fMRI te zien die actief zijn. Naarmate je dezelfde combinatie van handelingen vaker herhaalt, wordt het actieve deel in je hersenen dat deze handelingen aanstuurt steeds kleiner. Door de herhaling hebben je hersenen nieuwe verbindingen gelegd. Uiteindelijk zal er daardoor een kleiner gebeid van je hersenen nodig zijn om de gecombineerde handelingen uit te voeren. De taak die bestaat uit meerdere handelingen tegelijkertijd, is dan ‘geautomatiseerd’. Als je zingt of speelt moet je ook meerdere handelingen tegelijk doen. Hoe meer je oefent, des te minder hersenruimte dat in beslag neemt. Als je een goed getrainde zanger of instrumentalist bent, hoeft niet je volledige aandacht naar je zang of spel. Daardoor kun je meer aandacht geven aan het grote geheel, dus bijvoorbeeld het samenspel met de band waarin je speelt, de communicatie met je publiek of de beleving van de tekst of de muziek.

Leren in de context

Dan nu de muzikale praktijk in. Uit het bovenstaande verhaal kun je concluderen dat we beter leren als we iets in zijn context leren, als gecombineerd hersenproces. Je leert een handeling minder efficiënt als je die los van de context leert, dus geïsoleerd. “Helaas moeten veel zangers en instrumentalisten oefeningen doen die uit hun context zijn gehaald”, zegt Alfons. “Zoals de toonladders zingen als oefening. Als zanger werk je zo wel enigszins aan je stembewustzijn. Maar het is niet efficiënt, want die oefeningen gaan een eigen leven leiden. Je hersenen leren gemakkelijker in een praktijksituatie, dus in een liedje.” Alfons illustreert met een voorbeeld. “Neem het zingen van klinkers. In het traditionele zangonderwijs wordt eerst apart op die klinkers geoefend. Dat noemt men vocaliseren. Daarna ga je hele stukken zingen. Maar je hersenen zien dat als twee verschillende sets van handelingen, het juist zingen van de klinkers en het zingen van nummers. Om die bij elkaar te brengen, kost veel extra tijd en oefening.” Daarom adviseert Alfons om het anders te doen. “Gewoon meteen beginnen met nummers te zingen. Als het dan met een klinker niet goed gaat, bekijk je binnen de context waarom die klinker niet goed gaat. Er staat misschien een klinker of medeklinker vóór die hem beïnvloedt. Dan isoleer je wel het probleem, maar je oefent die klinker meteen weer in zijn context.” Bijkomend voordeel van leren in de context, het is ook leuker. Een nummer zingen of spelen is leuker dan losse oefeningen doen. “En dat motiveert ook om door te gaan”, aldus Alfons. “Bovendien leren hersenen beter in een prettige situatie, dus dat is ook winst.”

Vastlopen bij instuderen

Wie als zanger of instrumentalist een nummer instudeert, loopt soms steeds in bepaalde maten vast. Bijvoorbeeld omdat daar een moeilijk stukje in zit. Veel muzikanten hebben de neiging om steeds opnieuw een aanloop te nemen, dus weer van voren af aan of ruim voor die moeilijke maat te beginnen. En dan hopen dat je op een gegeven moment wel goed door die moeilijke maat heen komt. “Dat is niet de handigste manier”, zegt Alfons. “Je hersenen leren door herhaling. Dat wat wordt herhaald, krijgt zijn eigen verbindingen. Wat je zult zien, is dat je daardoor steeds weer vastloopt in die ene maat. Je studeert dan het vastlopen in en dat is nu precies wat je niet wilt. Pas als je iets verandert aan hoe je speelt of zingt, mag je het opnieuw proberen.” Einstein zei het al: ‘De definitie van de waanzin is: steeds hetzelfde proberen en verwachten dat de uitkomst anders is’. Daarom adviseert Alfons zangers en instrumentalisten een andere methode om een muziekstuk in te studeren. “Zing of speel het helemaal door. Luister het terug en noteer op welke plekken je problemen hebt, maar zing wel gewoon door. De plekken waar je problemen had, kun je vervolgens geïsoleerd bekijken. Waarom lukt die noot niet? Voor zangers bijvoorbeeld: is de steun goed? Niet te veel lucht? Zing ik de noten wel goed aan elkaar? Is de stand van mijn keel wel goed? Verander de factor waarvan je denkt dat daar de oorzaak ligt en probeer het dan pas opnieuw. Zodra het goed gaat, oefen je die ‘barrières’ weer in hun context door eerst een paar maten aanloop er voor te zingen. Lukt dat ook, werk dan weer aan het gehele stuk.”

Opnames

Alfons raadt sterk aan om altijd met opnames te werken als je oefent. “Zo kun je veel beter analyseren wat je kunt verbeteren. Daarnaast is er nog iets geweldigs aan opnames. Onderzoek heeft namelijk aangetoond dat luisteren naar een opname van je eigen oefeningen, dezelfde hersengebieden activeert als het daadwerkelijke oefenen zelf. Dat betekent dat je op een veel minder vermoeiende manier kunt studeren.” Overigens kan een opname ook je hersenen ‘herprogrammeren’. Dat overkomt iedere zanger na een uitgebreide studiosessie. Je zangpartij wordt in een studio soms zin voor zin of zelfs woord voor woord samengesteld uit losse opnames. Tot het perfect is. Je zou het de eerste keer nooit zo ineens hebben kunnen zingen. Maar luister je nu de hele partij een behoorlijk aantal keren af, dan lukt het daarna wél om die perfecte versie in één keer te zingen. Hoe dat kan? Je (opgenomen) zangpartij bevat veel hoorbare informatie, zoals toonhoogte, timing en timbre. Die informatie activeert je hersenen alsof je echt zingt door de onhoorbare informatie over bijvoorbeeld ademsteun, spierbeheersing, compressie enzovoorts. Alle zaken die samen die sound hebben gemaakt, worden weer aangezet. Actief luisteren heet dat. Zo kan een professionele zanger, nadat de cd is opgenomen, meestal een hele goede tournee neerzetten. Want hij kan de nummers wel dromen. Alle zangers die regelmatig in een studio werken, weten daarom allang dat je daar het meeste van leert.

Spiegelneuronen

In je frontale cortex (zeg maar voorin je hersenen, evolutionair gezien het jongste gedeelte van de menselijke hersenen) zit een bijzonder gebiedje hersencellen. In dit gebiedje bevinden zich de zogeheten spiegelneuronen, die in staat zijn om gedrag te imiteren en te voorspellen. Deze hersencellen maken als het ware ‘contact’ met het gedrag van anderen. Of met het gedrag van jezelf als je een opname terugluistert of bekijkt. Deze hersencellen zijn heel speciaal, want ze hebben een directe koppeling met het motorische en emotionele deel van je brein. Dit emotionele deel ligt veel dieper in je hersenen en kan normaal gesproken niet zo goed met de frontale cortex communiceren. Luister je een opname van je eigen stem terug, dan zullen aan de hand van de klank van je opgenomen stem, je spiegelneuronen je gedrag (de gebruikte techniek) kunnen reconstrueren. Maar ook als iemand anders zingt, kun je op dezelfde actieve manier leren luisteren. “Ik gebruik dat zelf als ik les geef”, zegt Alfons. “Zo ‘voel’ ik precies wat iemand doet met zijn stem. Maar ook als je naar een bekende zanger luistert, kun je het gebruiken om hem zijn geheimen te ontfutselen. Je leerproces leg je dan meteen op de plek waar je mee zingt: op het motorische niveau. Dus zonder er eerst uitgebreid over na te denken.”

Handje helpen

Nog een voorbeeld van de kracht van je hersenen: zangers worden nog wel eens geconfronteerd met bijvoorbeeld een bepaalde noot in een liedje, die ze iedere keer vals zingen en maar niet goed krijgen. “Voor dat laatste probleem heb ik het volgende bedacht”, zegt Alfons. “Ik laat de leerling het liedje zingen en neem het op. Dus met die valse toon. Vervolgens maak ik die toon met behulp van software ‘zuiver’. Daarna luistert de leerling naar de opname en hoort zijn of haar eigen stem het liedje zingen, maar nu dus met de gecorrigeerde toon. Alleen al door te luisteren wordt de foute noot ‘overschreven’. De onhoorbare informatie die in de gecorrigeerde noot zit, zegt niet alleen wat er wordt gezongen, maar ook hoe. Logisch dus dat na enkele keren herhaling van die goede noot op de juiste toonhoogte deze wél goed kan worden gezongen.”

Veelgemaakte fouten

Als het om muziek leren maken gaat, wat is dan een veelgemaakte fout door muzikanten? “Het steeds maar weer oefenen van wat je al kunt”, antwoordt Alfons. “Dat geldt zowel voor individuele muzikanten als voor bands. In muzikantenland wordt veel tijd en energie verspild door steeds maar de vertrouwde dingen te zingen en te spelen. Zonde van je tijd. Het is veel effectiever om je iedere keer van tevoren af te vragen: wat wil ik of wat willen we leren? En daarmee ga je vervolgens aan de slag.” Een andere veelgemaakte fout door muzikanten is volgens Alfons ‘dingen doen die je niet leuk vindt’. “Denk aan het oefenen van stukken die je niet leuk of mooi vindt. Of nog veel te moeilijk. Vaak gebeurt dat vanuit de gedachte ‘je leert ervan en je wordt er flink van’. Maar het is niet effectief, want je hersenen labelen het dan als iets vervelends. En daarmee wordt muziek maken iets vervelends. Terwijl muziek maken juist ‘een feestje in je hoofd’ moet zijn. Je leert het meest en het snelst als je het leuk vindt wat je doet. Dus weg met die vervelende toonladder oefeningen.”

Verkeerde gewoontes

De kracht van herhaling: doe je iets vaak, dan leggen je hersens dat beter vast. Dat weet ook iedere reclamemaker, en daarom zie je steeds herhalingen van dezelfde reclame binnen één blokje. De kracht van de herhaling kun je in je voordeel gebruiken als je oefent: gaat het goed, herhaal het dan een paar keer. Gaat het fout, stop dan. Bedenk wat er fout gaat en waarom, verander iets, en probeer het dan opnieuw. Verander je niks, en zing je opnieuw en opnieuw, in de hoop dat het dan ineens wel lukt, dan wordt de kans dat je het fout blijft doen juist steeds groter. Heb je last van een verkeerde gewoonte, probeer je dan niet te richten op de fout, maar bedenk wat je precies fout doet. Bedenk vervolgens hoe je het dan wel zou willen doen en haal je dat voor de geest. Pas als je dat lukt, kun je een nieuwe poging wagen. Maar als je je blijft richten op wat je niet wilt, dan blijf je dat ook steeds doen. Alfons illustreert met een voorbeeld: “Een vriend van me ging parachutespringen met zo’n bestuurbaar scherm. Een groot open grasveld was de landingsplek, maar er stond één boom in het midden. ‘Niet in de boom landen!’ zei iemand voor de grap op zijn radio. Waarop hij exact in de top landde en uit een heel benarde positie moest worden losgesneden.Ons onderbewustzijn kent geen waardeoordeel. Dus niet het woord ‘niet’. Als je dus tegen jezelf zegt ‘niet daaraan denken’ dan doe je dat juist wél. ‘Denk eens NIET aan een roze olifant’ of, zoals iedereen die stopt met roken kan beamen: ‘ik mag niet roken’ laat je binnen enkele minuten weer snakken naar een sigaret. Richt je dus altijd op wat je wel wilt bereiken of doen. En dat geldt niet alleen bij het maken van muziek!

Zie ook

» Songteksten uit je hoofd leren – Zo onthoud je liedjes
» Muziek uit je hoofd leren spelen – Deze tips gaan helpen!
» Zingen en spelen tegelijk – Ook jij kan het leren!
» Meerstemmig zingen: theorie & tips voor de praktijk
» Stembreuk: wel of geen probleem?
» Backing vocals: op de achtergrond, maar onmisbaar
» Zangtechniek – Leer alles over zingen
» Klinker-problemen (en oplossingen) bij het zingen
» Zingen met en zonder compressie
» Vloeiend zingen door dynamische ademsteun en blending
» Ademsteun en ademcyclus bij het zingen
» Geschiedenis van de zangtechniek
» Zang-opnames mixen in 5 stappen

Geen reactie

Nog geen reacties...

Laat een reactie achter