De guitalele is een erg leuk 6-snarig instrument voor wie een ukelele te klein vindt, maar een gitaar te groot. Qua formaat en geluid zit de gitaar-ukelele (zoals hij ook wel wordt genoemd) dan ook mooi tussen deze twee snaarinstrumenten in. Wil je dit muziekinstrument leren spelen? Dan ben je op de juiste plek. Je leert eerst hoe je de guitalele stemt en hoe je de snaren aanslaat. Daarna leggen we uit hoe je ritmes en akkoorden speelt. Toch nog vragen? Laat hieronder een reactie achter!

Wat is een guitalele?

De guitalele is eigenlijk een mini-gitaar. Het ‘lele’ in de naam heeft hij te danken aan zijn formaat: hij heeft de grootte van een bariton-ukelele. En ‘guita’ is omdat hij hetzelfde aantal snaren heeft als een gitaar (zes in plaats van vier) en ook dezelfde stemming, maar dan wel een aantal tonen hoger. Een guitalele heeft nylon snaren, net als de ukelele en de klassieke gitaar. De guitalele wordt trouwens ook wel guitarlele genoemd, gitaar-ukelele, ukelele-gitaar, guilele, kīkū of 6-snarige ukelele. Deze laatste naam kan verwarrend zijn, want er bestaan ook andere soorten 6-snarige ukeleles.

Het geluid van de guitalele

Met zijn nylon snaren, kleine formaat en hoge stemming komt de gitaar-ukelele dicht in de buurt van het herkenbare vrolijke geluid van een gewone ukelele. Maar doordat hij zes snaren heeft (een ukelele heeft er vier), heeft hij wel een rijkere en ‘completere’ klank. Opvallend is ook dat hij een stuk lager kan dan andere ukeleles. Tip: wil je een gewone gitaar laten klinken als een guitalele? Zet een capo bij de vijfde fret. Je gitaar heeft nu exact dezelfde tonen als een guitalele! Natuurlijk zal het geluid niet precies hetzelfde zijn. Een guitalele heeft namelijk een veel kleinere klankkast dan een gitaar, wat bijdraagt aan het felle geluid.

Voor- en nadelen van de guitalele

Als je de ukelele-gitaar vergelijkt met een gewone gitaar, is het belangrijkste voordeel het formaat. Je kunt de guitalele heel makkelijk meenemen, bijvoorbeeld op vakantie. Daarnaast is hij makkelijker te bespelen door jonge kinderen. Als je kind later toe is aan een echte gitaar, is de overstap niet zo groot. Alle akkoordgrepen, vingerzettingen etcetera zijn hetzelfde, ze hebben alleen een andere naam gekregen. Je kind moet er dan dus een poosje aan wennen dat bijvoorbeeld de E-akkoordgreep nu ‘A’ heet. Een alternatief is dat je je (jonge) kind laat beginnen op een echte gitaar, maar dan wel een kleinere. Deze heeft dan de normale stemming. Zie onze Keuzehulp hierover! Een nadeel van de guitalele is dat hij weliswaar een leuk hoog geluid heeft, maar nog niet die écht felle, hoge klank van een ukelele, terwijl dat nou juist is wat veel mensen zo aantrekkelijk vinden aan een ukelele. Ook heeft hij niet het krachtige, volle geluid van een normale gitaar. De guitalele zit er dus precies tussenin. Maar als je op zoek bent naar de perfecte middenweg, dan is dit natuurlijk juist het grote voordeel!

Linkshandige guitalele?

Het zal moeilijk zijn om een linkshandige ukelele te vinden. Kun je deze niet vinden? Koop dan een normale guitalele en laat een gitaar-reparateur de topkam vervangen door een linkshandige topkam. Daarna moet je de snaren er in omgekeerde volgorde op zetten. Bij het spelen houd je de ukelele natuurlijk andersom vast. Je slaat dan met je linkerhand aan en je houdt de hals vast met de rechterhand. Let erop dat je akkoorddiagrammen gespiegeld moet lezen.

Snaren vervangen op een guitalele

Als je guitalele niet meer zo fris klinkt als in het begin of als er een snaar is gebroken, is het tijd om de snaren te vervangen. Je hebt dan guitalele-snaren nodig. Die vervang je op dezelfde manier als bij een klassieke gitaar. Zie ons blog hierover!

Guitalele stemmen

  • De normale stemming van een guitalele is  A D G C E A.
  • De eerste A is een lage A (de dikste snaar), de laatste is een hoge A (de dunste snaar).
  • Het makkelijkste is om gebruik te maken van een chromatisch clip-on stemapparaat. Een alternatief is een app: zoek op ‘chromatic tuner’ in de Play Store of App Store.

Stemmen met een clip-on tuner

  1. Klem het stemapparaat op de kop van de guitalele en zet hem aan.
  2. Sla de eerste snaar aan (de dikste snaar dus) door te ‘plukken’ met je duim. Laat je tuner een A zien? Mooi, ga naar stap 4. Niet? Ga naar stap 3.
  3. – Staat er bijvoorbeeld een G in beeld? Zoals je hieronder ziet, is de G lager dan de A. Je moet dan de snaar omhoog stemmen (=strakker zetten). Dit doe je met de draaiknop van het stemmechaniek. Let goed op dat je niet aan de verkeerde snaar draait.
    – Staat er bijvoorbeeld een B in beeld? De B is hoger dan de A, dus dan moet je omlaag stemmen (=de snaar slapper zetten).
  4. Als het goed is, staat de A in beeld. Tijd om te ‘fijnstemmen’. Je stemapparaat heeft waarschijnlijk een soort wijzertje dat laat zien hoe zuiver de A is. Staat de wijzer links van het midden? Dan moet je snaar een heel klein beetje hoger stemmen (=de snaar strakker zetten). Als de wijzer rechts staat, moet je de snaar een beetje lager stemmen (=slapper zetten). Doe dit net zo lang tot de wijzer precies in het midden staat.
  5. Herhaal stappen 1 t/m 4 bij alle andere snaren.
  6. Controleer op het laatst nog een keer of alle snaren goed gestemd zijn.

Tip: blijf de snaar steeds aanslaan met je duim tijdens het stemmen. Op die manier zie je continu of je de goede kant op gaat.

Guitalele-akkoorden spelen

We gaan akkoorden leren spelen op de guitalele. Daarmee kun je meespelen met talloze (pop)liedjes.

Hoe werken de akkoorddiagrammen?

  • Hierboven zie je een voorbeeld van een guitalele-akkoord. We noemen zo’n afbeelding een akkoorddiagram.
  • Houd je guitalele rechtop met de snaren naar je toe. Zo moet je de akkoorddiagrammen ook zien. Links zit dus de dikste snaar en rechts de dunste.
  • Ben je linkshandig? Dan moet je de akkoorddiagrammen gespiegeld spelen.
  • Boven de akkoorddiagrammen zie je symbolen. Dit is wat ze betekenen:
    • x = snaar niet aanslaan
    • o = snaar wel aanslaan, maar je drukt hem niet in
    • cijfers = de vinger die je het beste kunt gebruiken. Zie de hand hieronder.

Een akkoord spelen

  1. Druk met de vingers van je linkerhand de snaren in zoals die in het akkoorddiagram staan aangegeven.
    • Zet je vingers in het midden tussen twee frets in, dus ongeveer waar de stipjes staan in de diagrammen. Frets zijn de metalen stripjes onder de snaren.
  2. Speel met de duim van je rechterhand (of met een plectrum) één voor één alle snaren, heel langzaam. Dit doe je om te horen of ze allemaal goed klinken.
    • Terwijl je de snaren aanslaat, controleer je of ze niet ratelen, niet te gedempt klinken of op een andere manier niet mooi en zuiver klinken. Als één of meer snaren niet goed klinken, probeer dan het volgende:
      • De meest gemaakte fout is dat je snaren aanraakt die je niet moet aanraken. Als je een andere snaar raakt, wordt die namelijk gedempt en hoor je hem dus niet meer! Oplossing: zet je vingers zo recht mogelijk en til de vingers op die je niet gebruikt.
      • Je moet niet meer kracht gebruiken dan nodig, maar… druk de snaren ook niet té zacht in.
      • Verplaats je vinger een beetje meer richting het klankgat, dus iets dichter bij de fret (maar niet óp de fret!)
      • Klinkt een snaar vals? Dan kan het dat je te hard drukt, waardoor de snaar een beetje buigt. Het kan ook dat je de guitalele opnieuw moet stemmen.
    • Ga net zo lang door tot alle snaren goed klinken. Duurt dit heel lang? Geen zorgen, je bent niet de enige. Doe het een kwartiertje, stop even, ga later weer verder, en herhaal dit elke dag. Echt waar, je zult merken dat je er steeds beter in wordt.

Open akkoorden: majeur en mineur (‘m’)

De makkelijkste akkoorden op mee te beginnen zijn de zogenaamde open akkoorden. Open akkoorden zijn akkoorden waarbij je één of meer snaren niet hoeft in te drukken maar wél speelt. Kijk bijvoorbeeld naar het C-akkoord hieronder. Je ziet aan de zwarte stipjes dat je maar drie snaren moet indrukken. De andere drie snaren zijn ‘open’ (symbool: o), maar je speelt ze wel. Als je deze akkoorden kan spelen, kun je al diverse liedjes meespelen. En denk eraan dat ‘x’ betekent dat je een snaar helemaal niet aanslaat. Dat is even oefenen in het begin!

Wisselen tussen twee akkoorden

Het is belangrijk dat je soepel kunt wisselen tussen twee akkoorden. Hoe oefen je dit? We nemen als voorbeeld de akkoorden A en D.

  1. Zet je vingers neer voor het A-akkoord en sla het aan.
  2. Klinkt het goed? Dan ga je naar het D-akkoord op de volgende manier:
    • Je haalt eerst je wijsvinger van de snaar af.
    • Daarna moet je zowel je middelvinger als ringvinger tegelijk een snaar naar beneden verplaatsen. Het vakje blijft hetzelfde.
    • En plaats dan je pink op de vijfde snaar in het tweede vakje.
    • Let op: de dikste snaar gebruik je niet bij het D-akkoord. Je ziet in het akkoorddiagram een ‘x’ staan.
  3. Controleer of het D-akkoord goed klinkt. Tijd om weer terug te gaan naar het A-akkoord:
    • Je pink haal je weer van de snaar af.
    • Daarna zet je je middel- en ringvinger weer tegelijk terug op hun oude plaats.
    • En tot slot gaat je wijsvinger weer op de vierde snaar in het eerste vakje.
  4. Dit verplaatsen tussen twee akkoorden is heel belangrijk om te oefenen. Hoe vaker je dit doet, hoe minder je erover hoeft na te denken en hoe soepeler het gaat (en klinkt)! En denk eraan: oefen het altijd stap voor stap en heel langzaam. Probeer de verplaatsing dus niet in één keer te doen. Dit komt vanzelf! Tip: het is een goede oefening om alleen maar de middel- en ringvinger een tijdje lang heen en weer te verplaatsen. Het voelt misschien stom, maar het helpt ontzettend.

Akkoordprogressies spelen met open akkoorden

Een leuke manier om de open akkoorden te oefenen is met een akkoordprogressie. Een progressie wil zeggen: meerdere akkoorden achter elkaar. Je kunt de progressie steeds herhalen. Een voorbeeld van een eenvoudige akkoordprogressie die in heel veel liedjes wordt gebruikt:

C     | G     | Am    | F     |

Hulp bij het oefenen:

  • Elk akkoord hierboven duurt vier tellen. Een streep ( | ) geeft aan dat er vier tellen voorbij zijn.
  • Als je vier tellen te kort vindt, kun je natuurlijk gewoon langzamer tellen óf tot acht tellen.
  • Sla het akkoord steeds precies aan óp de eerste tel met een plectrum of met je duim (ritmes komen later).
  • Je hebt nu vier tellen om je vingers klaar te zetten voor het volgende akkoord. Gebruik die tijd! Zo leer je jezelf om niet op het allerlaatste moment je vingers te verplaatsen. Geen zorgen, de snelheid komt vanzelf.
  • Zet altijd eerst de vingers klaar op de snaren die je als eerste gaat spelen (de dikkere snaren komen eerder dan de dunnere).
  • Ga ook eens met metronoom oefenen. Hiermee leer je mooi strak in de maat spelen. Zet hem op een langzaam tempo (bijvoorbeeld 70 bpm). Gebruik een echte metronoom of een app: zoek in de Play Store of App Store op ‘metronome’.

Of speel mee met een begeleidingstrack (backing track):

We gaan straks nog meer akkoorden leren. Het is eerst tijd voor wat ritmes!

Ritmes spelen op de guitalele

Okee, je kunt nu een aantal akkoorden spelen. Maar het gaat pas echt leuk klinken als je ook een ritme kunt spelen met die akkoorden. Eerst leggen we even uit hoe je de guitalele vasthoudt en hoe je de snaren aanslaat.

De guitalele vasthouden

Ben je vrij groot, dan kun je de guitalele misschien staand bespelen zonder hulpmiddelen. Druk de klankkast tegen je aan met je rechter onderarm, ter hoogte van je elleboog. Zorg dat de hals een beetje omhoog wijst. Het is de bedoeling dat de guitalele uit zichzelf blijft ‘hangen’, zonder dat je de hals ondersteunt met je linkerhand. Zittend spelen is voor de meeste mensen makkelijker. Zet de klankkast van de guitalele op je rechter bovenbeen en laat de hals een beetje omhoog wijzen. Waarschijnlijk helpt het om je rechter been een beetje hoger te zetten. Druk de klankkast zachtjes tegen je aan met je rechter onderarm. Ook nu zou de guitalele moeten blijven hangen zonder dat je de hals ondersteunt met je linkerhand. Een alternatief is een speciale gitaarband voor klassieke gitaar. Daarmee kun je staand spelen zonder dat je de guitalele tegen je aan hoeft te klemmen. Heeft je guitalele toevallig strap buttons? Dan kun je ook een gewone gitaarband gebruiken.

De snaren aanslaan

Let bij het aanslaan van de snaren op het volgende:

  • Je kunt aanslaan met een plectrum. Veel mensen vinden dit prettig omdat het wat meer controle geeft en een stevig geluid. Het nadeel is dat een gewoon plectrum nogal hard en scherp kan klinken, wat niet zo mooi past bij dit instrumentje. Probeer dan eens een vilten plectrum.
  • Een andere optie is aanslaan met je vingers. De traditionele ukelele-manier is met je wijsvinger. Krul je andere vingers een beetje naar binnen, buig je wijsvinger een beetje en ga met je vingertop op en neer over de snaren. Speelt dit niet zo lekker? Je kunt ook doen alsof je een plectrum vasthebt. Je slaat dan met je wijsvingernagel naar beneden tegen de snaren. Met je duimnagel raak je de snaren als je naar boven gaat.
  • Houd je pols soepel, want deze moet de slag-beweging maken! De rest van je arm doet dus heel weinig, behalve de guitalele tegen je aan drukken. Let erop dat je je bovenarm en schouder ontspannen houdt.
  • Zet je duim achter op de hals. Dus krul hem er niet om heen, zoals sommige gitaristen doen.

Ritme 1

De meeste liedjes kun je meespelen ‘in vieren’, dus: 1, 2, 3, 4 – 1, 2, 3, 4. De ritmes die we hieronder gaan leren spelen, passen hierbij.

1 2 3 4
  • Ga hardop tellen: 1, 2, 3, 4 – 1, 2, 3, 4. Zorg dat elke tel even lang duurt.
  • Sla nu de snaren aan op elke tel. Je slaat hierbij steeds naar beneden. Dit zijn downstrokes.
  • Nog een beetje saai? Maak het wat muzikaler door de één en de drie iets harder aan te slaan, en de één het hardst. Dus: ÉÉN twee drie vier. Dit zijn accenten.
  • Zorg dat je steeds zo precies mogelijk óp de tel aanslaat. Dus niet vlak ervoor of vlak erna. Houd je pols soepel!
  • Het is een goed idee om met een metronoom mee te spelen. Koop een echte metronoom of download een app (zoek op ‘metronome’ in de Play Store of App Store). Op die manier leer je strak in de maat spelen.

Ritme 2

1 2 3 4
  • Nu gaan we elke tel naar beneden (downstrokes) én naar boven (upstrokes) over de snaren. Dat klinkt al wat leuker.
  • Je kan zo meetellen: 1-uh 2-uh 3-uh 4-uh. Óp de tel is naar beneden, en op de ‘uh’ is naar boven.
  • Blijf de accenten spelen zoals je daarnet geleerd hebt.

Ritme 3

1 2 3 4
  • En nu kun je ritme 1 en 2 gaan combineren. Bijvoorbeeld zoals hierboven. Doe eerst twee keer ‘down’ en dan twee keer ‘down-up’: down down down-up down-up.

Maak nu je eigen variaties!

Nog veel meer ritmes

Wil je nog meer ritmes leren? Ga naar ons blog over ukelele-ritmes!

Waar kan ik liedjes vinden?

Je komt meestal een heel eind door je favoriete popsongs op internet op te zoeken in combinatie met het woord ‘chords‘. Het maakt niet uit of die akkoorden bedoeld zijn voor guitalele, ukelele, gitaar, piano of een ander instrument. Een akkoord is een akkoord! Maar je kunt ook gebruikmaken van songbooks. Voordeel is dat deze met heel veel zorg zijn gemaakt, waardoor de akkoorden vaak beter kloppen.

Nog meer akkoorden leren?

We hebben de open akkoorden leren spelen op de guitalele, en enkele ritmes. Dat is al heel wat! Maar na een tijdje merk je dat je nog lang niet alle liedjes kan meespelen. Geen probleem, met een paar kleine aanpassingen kun je al snel een hoop septiem-akkoorden spelen. Daarna wordt het tijd voor de barré-akkoorden: dat kost wat oefening, maar is uiteindelijk ook niet zo ingewikkeld. En daarna kun je wat minder gebruikte akkoorden gaan leren, zoals dim, + en 6. Maar laten we niet op de zaken vooruitlopen!

Open septiem-akkoorden (7) voor de guitalele

Septiem-akkoorden lijken op de gewone majeur- en mineur-akkoorden, maar klinken iets ‘specialer’ dankzij hun septiem-toon. Hier zijn alle open septiem-akkoorden voor guitalele:

Opmerking: eigenlijk is E7 geen open akkoord op de guitalele, omdat hij geen unieke vorm heeft (hij is gebaseerd op het F-akkoord). Maar hij wordt zo veel gebruikt dat we hem niet weg konden laten.

Blues-schema

Een leuke manier om met septiem-akkoorden te oefenen, is een blues-schema. Elk akkoord duurt weer vier tellen:

| A7    | D7    | A7    | A7    |

| D7    | D7    | A7    | A7    |

| E7    | D7    | A7    | E7    |

Je kunt lekker meespelen met deze backing track:

Barré-akkoorden spelen op de guitalele

Nu je de open akkoorden kent op de guitalele, gaan we de barré-akkoorden leren. Dat zijn akkoorden waarbij je (meestal) met je wijsvinger meerdere snaren tegelijk moet indrukken. Even wennen, even oefenen, kracht ontwikkelen…! Doe het elke dag en je zult merken dat het steeds beter gaat.

Voordelen van barré-akkoorden

  • In liedjes kom je ontzettend veel verschillende akkoorden tegen. En met alleen open akkoorden kom je er vaak niet. Door nu ook de barré-akkoorden te leren, is er opeens veel meer mogelijk!
  • Barré-akkoorden kun je ‘opschuiven’! Als je bijvoorbeeld het F-akkoord kan spelen, kun je ook het F♯-akkoord spelen, het G-akkoord, G♯ etc. Alleen maar door steeds met je hele hand een vakje op te schuiven.

De belangrijkste barré-akkoorden

We focussen ons hier op de twee belangrijkste barré-akkoorden: de ‘A-vorm’ en de ‘D-vorm’. Met deze twee kun je in één klap ontzettend veel verschillende akkoorden spelen op de guitalele.

Aanwijzingen:

  • Als je goed kijkt, zie je dat de barré-akkoorden veel lijken op de akkoorden die we hierboven hebben geleerd bij de open akkoorden.
  • Hoe speel je de barré-akkoorden hieronder? Leg je wijsvinger over de snaren heen (dat is die lange streep) en zet dan je andere vingers neer. Bij de A-vorm leg je je vinger over álle snaren heen, bij de D-vorm alleen over de hoogste vijf snaren, zoals je ziet.

En dan?

  • Okee, stel, je hebt het barré-akkoord van de A-vorm leren spelen met je wijsvinger in het eerste vakje. In de afbeelding hieronder kun je zien dat dit het A♯/B♭-akkoord is. Schuif je alle vingers een vakje op, dan krijg je het B-akkoord. Nóg een vakje, en dan heb je het C-akkoord, enzovoort. Op die manier kun je met één barré-greep een hele reeks akkoorden spelen. De Romeinse cijfers geven het nummer van het vakje aan.
  • Op dezelfde manier kun je met de A7-vorm de akkoorden A♯7/B♭7, B7, C7 etcetera spelen.
  • Sommige akkoorden hebben dubbele namen, zoals je ziet, bijvoorbeeld A♯/B♭. De reden is nu niet belangrijk. Gewoon onthouden!
  • Nu vraag je je misschien af: “Hee, het C-akkoord ken ik ook als open akkoord! Welke van de twee moet ik spelen?” We raden aan om vooral in het begin open akkoorden te kiezen, als dat kan. Maar na een poosje merk je misschien dat je wel érg grote sprongen moet maken, van heel hoog op de hals naar heel laag op de hals. Dan is het een goed idee om steeds te kijken welke akkoordvorm het dichtste bij ligt. Op die manier gaat je guitalele-spel veel vloeiender klinken.
  • Het is trouwens ook zo dat bijvoorbeeld het open C-akkoord een andere klankkleur heeft dan een barré-versie van het C-akkoord. Probeer de verschillende varianten eens uit en kijk welke klank het beste past bij het liedje.

Tips bij het spelen van barré-akkoorden

  • Zet je duim achter op de hals (plat, dus niet met het topje) tegenover je middelvinger. Je middelvinger zit natuurlijk aan de andere kant van de hals, maar je moet doen alsof je duim en middelvinger tegen elkaar drukken. Dan hoef je minder kracht te zetten.
  • Is het nog te lastig? Probeer eerst eens de hoogste twee snaren in te drukken met je wijsvinger. Klinken ze allebei goed? Dan is het nu tijd om de eenvoudige A-vorm te proberen. Zie het één-na-laatste akkoord in de afbeelding met de barré-akkoorden hierboven. Met je wijsvinger in het eerste vakje speel je het A♯/B♭-akkoord. Schuif je een vakje op, dan krijg je het B-akkoord, enzovoort. Deze eenvoudige vorm klinkt wat minder vol, maar is een goed begin.
  • Een andere manier om het makkelijker te maken, is door de barré-akkoorden eerst hoger op de hals te spelen, dus met je vinger in bijvoorbeeld het vijfde of zevende vakje. Daar is het minder zwaar om de snaren in te drukken.
  • Het laatste speciale barré-akkoord in de afbeelding hierboven is handig als je de D-vorm hoog op de hals moet spelen. Dit alternatief voor de D-vorm is handig omdat je hoger op de hals minder ruimte hebt om je vingers te plaatsen.
  • Controleer steeds weer opnieuw of alle ingedrukte snaren goed klinken. Dus één voor één elke snaar controleren. Ze mogen niet ratelen of gedempt klinken. Doe het een kwartier, pauzeer even, doe het nog een kwartier, ga de volgende dag weer verder, etcetera. Je zult merken dat het steeds beter gaat!

Nog meer akkoorden

Als je de open akkoorden en barré-akkoorden onder de knie hebt, kun je al ontzettend veel liedjes meespelen. Toch kom je nog vaak andere akkoorden tegen, zoals maj7, 6, dim, aug, sus2 en sus4. Maar die zullen nu niet meer zo moeilijk zijn om te leren. Hieronder zie je een overzicht van de meest gebruikte akkoorden in popliedjes.

  • Kom je toch nog een akkoord tegen dat niet in deze lijst staat? Google op de naam van het akkoord in combinatie met het woord ‘guitalele’. Kun je het niet vinden? Lees dan verder.
  • Wil je akkoorden beter begrijpen? Lees ons blog over akkoordtheorie.

Guitalele Chords

Gitaarakkoorden omzetten naar Guitalele

Niet heel veel mensen bespelen de guitalele. Daarom is het soms moeilijk om op internet de juiste guitalele-greep te vinden voor een wat minder vaak gebruikt akkoord. Gelukkig zien de akkoord-grepen op een guitalele er precies hetzelfde uit als op een gitaar. Het enige verschil is dat de guitalele hoger gestemd is dan de gitaar. Daardoor krijgt elk akkoord een andere naam.

Hier zijn alle mogelijke tonen op een rijtje:

Tel altijd vijf stappen verder. Zie je bijvoorbeeld een A-akkoord voor gitaar? Dan wordt dit een D-akkoord voor de guitalele. Op dezelfde manier wordt een F-akkoord voor gitaar een A♯/B♭ -akkoord voor guitalele en wordt een G♯/A♭-akkoord een C♯/D♭-akkoord.

Zie ook

» Guitaleles
» Alle ukeleles
» Guitalele-koffers/tassen
» Guitalele-snaren
» Ukelele-standaards
» Ukelele-pickups
» Gitaarbanden voor klassieke gitaar

» Ukelele-ritmes spelen – Je leert het hier!
» Akkoorden: theorie en akkoordsymbolen
» Fretboard schoonmaken – Hoe reinig ik de toets van mijn gitaar?
» 5 redenen waarom beginnende gitaristen stoppen met spelen
» Akkoorden van liedjes uitzoeken – Zo pak je dat aan
» Ukelele: wat is dat voor instrument?
» Gitaar-onderhoud: voeding, temperatuur en luchtvochtigheid
» Akkoordprogressies begrijpen – Trappen, leidtonen en spanning
» Blues spelen? Gebruik deze akkoordenschema’s, noten en tips!
» Strak leren spelen? Doe deze oefeningen!
» Gitaarles en gitaarleraar – Heb je dat nodig?
» Top 10 meest meegespeelde songs
» Majeur en mineur: het verschil horen en begrijpen
» Gitaar leren spelen: notenschrift, akkoorden of tabs?
» Gitaarakkoorden leren spelen voor beginners

Geen reactie

Nog geen reacties...

Laat een reactie achter