Stereo-opnames hebben vaak een een soort ruimtelijkheid die niet valt na te bootsen met de pan-knoppen in je DAW of met reverb en delay. Voor stereo-opnames worden meestal twee condensatormicrofoons gebruikt. Bij de meeste opstellingen heb je genoeg aan twee cardioïde microfoons maar in sommige gevallen heb je omnidirectionele of bidirectionele microfoons nodig. Er zijn ook microfoons die je kunt schakelen tussen alle drie de richtingskarakteristieken. Wil je weten welke microfoon-opstelling jij het beste kunt gebruiken bij stereo-opnames, lees dan verder.

Hoe horen we waar geluid vandaan komt?

Om te bepalen waar geluid vandaan komt maakt het menselijk gehoor gebruik van drie eigenschappen. Door een of meerdere van deze eigenschappen na te bootsen met een microfoonopstelling kun je zeer realistische opnames maken. Als er bijvoorbeeld links van je iemand gitaar zit te spelen zul je de gitaar met je linker oor harder horen dan met je rechter oor. Dit is een verschil in intensiteit. Het geluid van de gitaar zal je linkeroor ook net iets eerder bereiken dan je rechteroor. Dit noemen we een verschil in timing. Tot slot zal het geluid van de gitaar voor je rechteroor iets doffer klinken omdat je hoofd ertussen zit en de hoge frequenties blokkeert. Dit is een verschil in klankkleur.

1. X/Y-opstellingen

Bij een X/Y-opstelling zet je twee cardioïde microfoons met de capsules zo dicht mogelijk bij elkaar onder een hoek van 90 graden. Doordat de microfoons ieder een andere kant op wijzen worden geluiden naar mate ze meer van links komen zachter en doffer voor de rechter microfoon en vice versa. Door bidirectionele microfoons te gebruiken maak je van de X/Y-opstelling een Blumlein-opstelling. Vernoemd naar de Britse audiopionier Alan Blumlein. Een Blumlein-opstelling klinkt een stuk ruimtelijker dan een X/Y-opstelling omdat ook reflecties van de achtermuur worden opgepikt.

Voordelen van de X/Y-opstelling:

  • Zeer eenvoudig op te stellen
  • Doordat het geluid beide capsules tegelijkertijd bereikt heb je geen last van faseproblemen


Nadelen van de X/Y-opstelling:

  • Vrij matig stereo effect. Er zit namelijk geen timingsverschil tussen de linker en rechter microfoon
  • Het midden van het stereobeeld kan wat dof klinken omdat de microfoons allebei 45 graden van het midden zijn weggedraaid

X/Y opstelling met twee cardioïde microfoons met de capsules zo dicht mogelijk bij elkaar onder een hoek van 90 graden
X/Y-opstelling

2. A/B-opstelling

Bij een A/B-opstelling zijn er maar weinig echte regels. Meestal gaat het om twee omnidirectionele of cardioïde microfoons met een afstand van tussen de 40 en 60 cm. Een A/B-opstelling wordt meestal gebruikt voor brede geluidsbronnen zoals koren, orkesten en drumkits. De afstand tussen de microfoons kun je zo groot maken als je wilt. Als ze maar niet zo ver uit elkaar staan dat er een gat in het midden van het stereobeeld ontstaat.

Voordelen van een A/B-opstelling

  • Heldere registratie over een breed oppervlak
  • Bigger-than-life sound door grote verschillen in timing


Nadelen van een A/B-opstelling

  • In mono zul je waarschijnlijk last krijgen van faseproblemen door de grote verschillen in timing

A/B opstelling met twee omnidirectionele of cardioïde microfoons
A/B-opstelling

3. ORTF-opstelling

Deze opstelling is vernoemd naar de Franse TV-zender die de opstelling in het leven heeft geroepen. Bij een ORTF-opstelling zet je twee cardioïde microfoons met de capsules 17 cm uit elkaar onder een hoek van 110 graden. Dit komt precies overeen met de afstand en hoek tussen onze oren. De ORTF-opstelling wordt door TV-zenders over heel de wereld gebruikt en vaak geven ze er hun eigen draai aan. Zo bestaat er ook een NOS opstelling. Hierbij is de hoek tussen de microfoons 90 graden en de afstand 30 cm.

Voordelen van de ORTF-opstelling:

  • Deze opstelling maakt gebruik van verschillen in intensiteit, timing en klankkleur en geeft zeer realistische resultaten
  • Vrij eenvoudig op te stellen


Nadelen van de ORTF-opstelling:

  • Door tijdsverschillen krijg je waarschijnlijk last van faseproblemen als je de opnames in mono beluistert
  • Het midden van het stereobeeld klinkt wat dof omdat de microfoons van het midden zijn weggedraaid

ORTF opstelling
ORTF-opstelling

Toch maar mono

Stereo-opnames kunnen een extra dimensie geven aan je productie. Toch zijn er een paar instrumenten waar het weinig toevoegt, met name bij bas-instrumenten zoals kick en basgitaar. Het menselijk gehoor is namelijk nauwelijks in staat om van geluiden onder de 150 Hz de richting te bepalen. Grote richtingsverschillen in lage frequenties zorgen bovendien voor een onrustige mix. Verder worden snaredrum en zang ook meestal in mono opgenomen om ze maximale focus te geven.

Zie ook

> Alle grootmembraan condensatormicrofoons
> Wat is de beste studiomicrofoon voor mij?
> Drums opnemen: een vak apart
> Zelf thuis muziek produceren: dit heb je nodig

2 reacties
  1. Niels Berndsen schreef:

    Om het midden, van het stereobeeld, te verhelpen… een derde microfoon erbij. Left – centre- right. De meeste hebben toch wel een 5.1 geluids installatie thuis staan, maar ook in stereo 2.0 werkt dit. De centre microfoon goed mixen in het stereo geluid om het stereobeeld in het midden op te vullen. Meestal met wat meer helderheid, treble.

Laat een reactie achter